mr. Eva de Graaf
Advocaat bij Houthoff Coöperatief U.A. in AMSTERDAM
Mevrouw mr. L.S.C. de Graaf, beter bekend als Eva de Graaf, is werkzaam als advocaat bij Houthoff in Amsterdam. Zij werd beëdigd op 26 februari 2025 en is daarmee een van de meest recent toegetreden advocaten bij het kantoor. Op basis van de beschikbare informatie is haar specialisatie nog in ontwikkeling; zij is actief op het terrein van het verbintenissenrecht, zo blijkt uit haar eerste optreden in een civiele procedure.
Opleiding
Eva de Graaf studeerde psychologie aan de Universiteit Utrecht, waar zij haar bacheloropleiding afrondde in 2020. In de jaren daarvoor nam zij tevens deel aan het Intervention Psychology Program, een praktijkgericht programma binnen diezelfde universiteit. Aansluitend behaalde zij in 2021 een master of science in de sociale, gezondheids- en organisatiepsychologie, met als mastertrack sociale beïnvloeding. Ter verdieping volgde zij vervolgens een masterstudie Positieve Psychologie en Welzijn aan Tilburg University, die zij in 2023 voltooide. Haar rechtenstudie is niet in de beschikbare bronnen gedocumenteerd.
Carrière
Voordat zij de advocatuur betrad, deed Eva de Graaf werkervaring op in uiteenlopende omgevingen. Van november 2022 tot augustus 2023 was zij werkzaam als administratief medewerker schade bij a.s.r. verzekeringen in Utrecht. Parallel hieraan liep zij van januari tot juli 2023 stage bij SharePeople Coöperatie, waar zij zich bezighield met het thema crowdability. In maart 2024 trad zij in dienst bij Houthoff in Amsterdam, aanvankelijk in een ondersteunende rol binnen de afdeling Learning & Development. Op 26 februari 2025 werd zij beëdigd als advocaat, waarna zij haar praktijk bij Houthoff voortzette.
Cliënten, Casussen en Expertise
De proceservaring van Eva de Graaf is beperkt maar concreet. In een kort geding bij de rechtbank Noord-Holland, uitgesproken op 10 december 2025, stond zij een eiser bij in een geschil op grond van de Algemene Verordening Gegevensbescherming. Centraal stond de vraag of de gedaagde partij gehouden was inzage te verlenen in persoonsgegevens van de eiser, in het bijzonder diens transactiegegevens. De voorzieningenrechter wees de vordering toe op grond van artikel 15 AVG. Het beroep op een beperking uit de Maltese uitvoeringswet werd verworpen, omdat geen sprake was van een op korte termijn op handen zijnde procedure. Tevens werd een verbod tot vernietiging van de betrokken gegevens opgelegd, vergezeld van dwangsommen.
Proceservaring
Recente uitspraken
ECLI:NL:RBNHO:2025:14165, Rechtbank Noord-Holland, 10-12-2025, 370310
Rechtbank Noord-Holland · Civiel recht; Verbintenissenrecht
Beoordeling
0,0 van 5 sterren (op basis van 0 reviews)
Gratis gids: de juiste advocaat kiezen
Download onze tips voor het vinden van de beste advocaat.