ECLI:NL:CRVB:2019:908, Centrale Raad van Beroep, 14-03-2019, 17/6871 AW — CRVB:2019:908
Samenvatting
Feitelijk ten onrechte toekennen van de waarnemingstoelage. Niet gebleken is dat appellante vanaf 1 mei 2010 taken heeft verricht die behoren tot een andere functie dan die van appellante. Dat aan appellante niettemin - om de korpschef moverende redenen - toch een waarnemingstoelage is toegekend, betekent niet dat appellante aanspraak kan maken op een dergelijke toelage met een verdergaande terugwerkende kracht dan tot 2 november 2015.
Betrokken advocaten
mr. N.G.M. Roothans
appellant
mr. M. Wegerif
appellant
mr. P.W. Kuijper
appellant
mr. P.H.J.J. Schunselaar
appellant
mr. Y.C. van der Meulen
appellant
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBOVE:2025:243, Rechtbank Overijssel, 17-01-2025, AK_24_2186_3276
Rechtbank Overijssel · Bestuursrecht; Ambtenarenrecht
ECLI:NL:RBMNE:2021:4983, Rechtbank Midden-Nederland, 14-10-2021, UTR 18/1436
Rechtbank Midden-Nederland · Bestuursrecht; Ambtenarenrecht
ECLI:NL:RBMNE:2021:4984, Rechtbank Midden-Nederland, 14-10-2021, UTR 18/1415
Rechtbank Midden-Nederland · Bestuursrecht; Ambtenarenrecht
ECLI:NL:RBMNE:2021:4981, Rechtbank Midden-Nederland, 14-10-2021, UTR 18/1431
Rechtbank Midden-Nederland · Bestuursrecht; Ambtenarenrecht
Gegevens
Datum uitspraak
14 maart 2019
Instantie
Centrale Raad van BeroepRechtsgebied
Bestuursrecht; AmbtenarenrechtZaaknummer
17/6871 AW
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:CRVB:2019:908