Juristi.nl
ECLI:NL:CRVB:2022:1700Bestuursrecht; Ambtenarenrecht

ECLI:NL:CRVB:2022:1700, Centrale Raad van Beroep, 21-07-2022, 20/1415 AW — CRVB:2022:1700

Samenvatting

1) Bezoldiging ten onrechte stopgezet. Gezien het systeem van het ARAR en de Wet WIA brengt een redelijke uitleg van artikel 40a van het ARAR mee dat de minister pas bevoegd is de bezoldiging stop te zetten na ommekomst van de termijn van 104 weken. In dit geval eindigde de termijn van 104 weken op 21 november 2018. De minister heeft de bezoldiging dan ook ten onrechte met ingang van 22 oktober 2018 stopgezet. 2) De minister heeft ten onrechte de salarisbetaling pas met ingang van 14 januari 2019 hervat. Gezien het advies van de bedrijfsarts had de minister aan appellant toestemming moeten verlenen om per 5 november 2018 zijn werk te hervatten. Uit praktisch oogpunt en zoals appellant ook ter zitting heeft verzocht, moet vanaf 5 november 2018 de volledige (100%) bezoldiging worden betaald. De rechtbank heeft het verzoek om schadevergoeding terecht afgewezen.

Betrokken advocaten

mr. A.W. Schat

appellant

mr. C. Zuidema

appellant

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

21 juli 2022

Zaaknummer

20/1415 AW

Procedure

Hoger beroep

ECLI

ECLI:NL:CRVB:2022:1700

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

CRVB:2026:336
Centrale Raad van Beroep·19 maart 2026
Bestuursrecht; Ambtenarenrecht
CRVB:2026:333
Centrale Raad van Beroep·19 maart 2026
Bestuursrecht; Ambtenarenrecht
CRVB:2026:330
Centrale Raad van Beroep·19 maart 2026
Bestuursrecht; Ambtenarenrecht
CRVB:2026:340
Centrale Raad van Beroep·19 maart 2026
Bestuursrecht; Ambtenarenrecht
CRVB:2026:281
Centrale Raad van Beroep·4 maart 2026
Bestuursrecht; Ambtenarenrecht