ECLI:NL:CRVB:2022:443, Centrale Raad van Beroep, 17-02-2022, 21/1861 AW-PV — CRVB:2022:443
Samenvatting
Het betoog van appellante dat het primaire besluit niet op juiste wijze is bekendgemaakt, omdat zij onvoldoende bereikbaar was via de digitale communicatiekanalen en er geen sprake was van een bestendige communicatiepraktijk treft geen doel. Uitgaande van de verzending van het primaire besluit op 16 december 2019 is de laatste dag van de bezwaartermijn 28 januari 2020. Het bezwaarschrift van 17 februari 2020 is dan ook buiten de bezwaartermijn ingediend. Met de rechtbank is de Raad van oordeel dat de door appellante opgegeven redenen van de termijnoverschrijding geen redenen zijn voor verschoonbaarheid als bedoeld in artikel 6:11 van de Awb. De omstandigheid dat zij ná kennisname van het ontslagbesluit niet meteen actie heeft ondernomen en dat ná inschakeling van hulp van een derde niet direct een pro-forma bezwaarschrift is ingediend, komt voor rekening van appellante. Het bezwaar van appellante is dan ook terecht niet-ontvankelijk verklaard. Dit betekent dat het hoger beroep niet slaagt en de aangevallen uitspraak voor bevestiging in aanmerking komt.
Betrokken advocaten
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:GHAMS:2025:1792, Gerechtshof Amsterdam, 10-07-2025, K24/230405
Gerechtshof Amsterdam · Strafrecht
ECLI:NL:RBROT:2025:2105, Rechtbank Rotterdam, 14-02-2025, 10-131188-21
Rechtbank Rotterdam · Strafrecht
ECLI:NL:GHARL:2024:4396, Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 03-07-2024, 21-005362-19
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · Strafrecht; Strafprocesrecht
ECLI:NL:RBAMS:2024:2653, Rechtbank Amsterdam, 08-05-2024, 13/055229-24
Rechtbank Amsterdam · Strafrecht; Europees Strafrecht
Gegevens
Datum uitspraak
17 februari 2022
Instantie
Centrale Raad van BeroepRechtsgebied
Bestuursrecht; AmbtenarenrechtZaaknummer
21/1861 AW-PV
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:CRVB:2022:443