ECLI:NL:CRVB:2026:113, Centrale Raad van Beroep, 22-01-2026, 25/831 WAD — CRVB:2026:113
Samenvatting
Deze uitspraak is een vervolg op eerdere uitspraken van de Raad over de bevordering van cadetten tot tweede luitenant. Cadetten die de KOO hadden gevolgd werden op een later moment bevorderd tot tweede luitenant dan cadetten die de MWO hadden gevolgd. Dit is bij die eerdere uitspraken in strijd geacht met het gelijkheidsbeginsel. Vervolgens heeft de staatssecretaris beleid ontwikkeld (compensatieregeling) om cadetten die de KOO hadden gevolgd te compenseren. Bij deze uitspraak is geoordeeld dat het bedrag behorende bij categorie 1 van de compensatieregeling in zijn algemeenheid toereikend is. Er kunnen echter bijzondere omstandigheden zijn die maken dat het bedrag te laag is. In deze zaak is geen sprake van dergelijke bijzondere omstandigheden.
Betrokken advocaten
mr. P.M. van der Weijden
appellant
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:CRVB:2026:340, Centrale Raad van Beroep, 19-03-2026, 25/1453 RM
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Ambtenarenrecht
ECLI:NL:CRVB:2026:330, Centrale Raad van Beroep, 19-03-2026, 23/3100 WAD
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Ambtenarenrecht
ECLI:NL:CRVB:2026:336, Centrale Raad van Beroep, 19-03-2026, 23/398 AW
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Ambtenarenrecht
ECLI:NL:CRVB:2026:333, Centrale Raad van Beroep, 19-03-2026, 23/3264 AW
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Ambtenarenrecht
Gegevens
Datum uitspraak
22 januari 2026
Instantie
Centrale Raad van BeroepRechtsgebied
Bestuursrecht; AmbtenarenrechtZaaknummer
25/831 WAD
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:CRVB:2026:113