ECLI:NL:GHAMS:2020:2010, Gerechtshof Amsterdam, 14-07-2020, 200.252.841/01 — GHAMS:2020:2010
Samenvatting
Loonvordering van uitzendkracht op grond van artikel 8 lid 1 sub a (oud) van de Waadi. De werknemer heeft onvoldoende aangevoerd ter onderbouwing van zijn standpunt dat artikel 5 van de Richtlijn 2008/104/EG van het Europese Parlement en de Raad van 19 november 2008 betreffende uitzendarbeid (de Uitzendrichtlijn) door de Nederlandse wetgever niet juist is geïmplementeerd. Voor het stellen van prejudiciële vragen over de interpretatie, uitleg dan wel de toepassing van artikel 5 van de Uitzendrichtlijn en / of artikel 8 van de Waadi ziet het hof geen aanleiding. Uitleg van het begrip “loon” in de Waadi.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:GHAMS:2026:835, Gerechtshof Amsterdam, 24-03-2026, 200.348.161/01
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:GHAMS:2026:842, Gerechtshof Amsterdam, 24-03-2026, 200.350.783/01
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:CRVB:2026:340, Centrale Raad van Beroep, 19-03-2026, 25/1453 RM
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Ambtenarenrecht
ECLI:NL:CRVB:2026:330, Centrale Raad van Beroep, 19-03-2026, 23/3100 WAD
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Ambtenarenrecht
Gegevens
Datum uitspraak
14 juli 2020
Instantie
Gerechtshof AmsterdamRechtsgebied
Civiel RechtZaaknummer
200.252.841/01
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHAMS:2020:2010