ECLI:NL:GHAMS:2022:1164, Gerechtshof Amsterdam, 19-04-2022, 200.304.163/01 en 200.304.163/02 — GHAMS:2022:1164
Samenvatting
Hoofdverblijfplaats. Het hof is, anders dan de rechtbank, van oordeel dat de hoofdverblijfplaats van de minderjarige niet bij de vader moet worden bepaald. De minderjarige, die 13 jaar oud is, heeft ernstige bezwaren tegen haar verblijf bij de vader. Zij heeft niet gevraagd om de situatie waarin zij door de echtscheiding van de ouders verzeild is geraakt, maar door de beëindiging van haar verblijf bij de moeder, bij wie zij sinds het uiteengaan van partijen heeft verbleven en bij wie zij zich naar haar zeggen veilig voelt, wordt wel het uiterste van haar gevergd. Het hof acht dit niet in het belang van de minderjarige, hoezeer zij ook is gebaat bij onbelast contact met beide ouders en andere manieren om dit te bewerkstelligen vruchteloos zijn gebleken. Bepaling van het hoofdverblijf van de minderjarige bij de vader zal naar verwachting ook niet leiden tot het daarmee beoogde doel, te weten onbelast contact met beide ouders’.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBNHO:2025:12006, Rechtbank Noord-Holland, 20-10-2025, C/15/351546 / FA RK 24-1956
Rechtbank Noord-Holland · Civiel Recht; Personen- En Familierecht
ECLI:NL:RBNHO:2025:9920, Rechtbank Noord-Holland, 08-08-2025, C/15/360852 / JU RK 25-39
Rechtbank Noord-Holland · Civiel Recht; Personen- En Familierecht
ECLI:NL:GHAMS:2024:2559, Gerechtshof Amsterdam, 27-08-2024, 200.338.339/01 en 200.338.339/02
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht; Personen- En Familierecht
ECLI:NL:GHAMS:2023:168, Gerechtshof Amsterdam, 31-01-2023, 200.312.792/01
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht; Personen- En Familierecht
Gegevens
Datum uitspraak
19 april 2022
Instantie
Gerechtshof AmsterdamRechtsgebied
Civiel Recht; Personen- En FamilierechtZaaknummer
200.304.163/01 en 200.304.163/02
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHAMS:2022:1164