Juristi.nl
ECLI:NL:GHAMS:2022:1960Civiel Recht

ECLI:NL:GHAMS:2022:1960, Gerechtshof Amsterdam, 05-07-2022, 200.266.429/01 — GHAMS:2022:1960

Samenvatting

Betreft verzoek tot verlening van exequatur aan uitspraak International Court of Arbitration Parijs. Geschil tussen een reisbureau en zijn (voormalige) agent. De Court of Arbitration oordeelde - samengevat – dat het reisbureau de overeenkomst rechtsgeldig had beëindigd, en dat de agent op straffe van dwangsommen, het gebruik van onder meer naam en handelsmerken van het reisbureau moest staken, en dat zij USD 10.000,-- aan boetes verschuldigd was aan het reisbureau. De vordering tot vernietiging van de arbitrale uitspraak is vervolgens door het Cour d’Appel te Parijs afgewezen. In de onderhavige procedure verzet de agent zich tegen het verlenen van exequatur aan de arbitrale uitspraak omdat zich weigeringsgronden zouden voordoen zoals bedoeld in de artikelen V lid 1 sub b en d en artikel V lid 2 sub b van het Verdrag van New York: een van de drie arbiters zou partijdig zijn geweest, en het scheidsgerecht zou buiten haar opdracht zijn getreden. Het hof verwerpt beide stellingen, en oordeelt voorts dat er geen aanleiding bestaat om het cassatieberoep af te wachten. Het arbitrale vonnis wordt erkend en het exequatur wordt verleend.

Betrokken advocaten

mr. A.E. de Paepe

verweerder

De Brauw Blackstone Westbroek, AMSTERDAM

mr. J.K. van Hezewijk te Amsterdam

verweerder

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

5 juli 2022

Rechtsgebied

Civiel Recht

Zaaknummer

200.266.429/01

Procedure

Beschikking

ECLI

ECLI:NL:GHAMS:2022:1960

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

GHAMS:2026:840
Gerechtshof Amsterdam·24 maart 2026
Civiel Recht
GHAMS:2026:835
Gerechtshof Amsterdam·24 maart 2026
Civiel Recht
GHAMS:2026:833
Gerechtshof Amsterdam·24 maart 2026
Civiel Recht
GHAMS:2026:850
Gerechtshof Amsterdam·24 maart 2026
Civiel Recht
GHAMS:2026:842
Gerechtshof Amsterdam·24 maart 2026
Civiel Recht