ECLI:NL:GHAMS:2023:2482, Gerechtshof Amsterdam, 12-09-2023, 200.299.878/01 — GHAMS:2023:2482
Samenvatting
Huurrecht bedrijfsruimte. Huurster heeft de exploitatie van haar café in het gehuurde gestaakt omdat zij de daarvoor benodigde vergunningen niet had verkregen. Zij heeft de huurovereenkomst beëindigd en een beroep op dwaling gedaan. De kantonrechter heeft dat beroep op vernietiging gehonoreerd en verhuurder veroordeeld bedragen aan de huurster terug te betalen die zij op grond van de huurovereenkomst had betaald. Hiertegen komt verhuurder in hoger beroep op. De grieven slagen. Niet gebleken is dat de verhuurder wist of moest weten dat voor het verkrijgen van een Drank- en Horecavergunning nodig was dat de huurster een eigen in- en uitgang zou creëren. Daar komt bij dat de dwaling van huurster over de mogelijkheid de vergunning te verkrijgen voor haar eigen rekening komt. De door de verhuurder ingestelde vorderingen worden alsnog gedeeltelijk toegewezen, omdat de huurster de huurovereenkomst onregelmatig heeft opgezegd.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBDHA:2024:16967, Rechtbank Den Haag, 02-10-2024, C/09/658572 / HA ZA 23-1116
Rechtbank Den Haag · Civiel Recht
ECLI:NL:RBROT:2024:8234, Rechtbank Rotterdam, 04-09-2024, C/10/670154 / HA ZA 23-1061
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:RBAMS:2023:167, Rechtbank Amsterdam, 25-01-2023, 13/712855
Rechtbank Amsterdam · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2022:585, Rechtbank Den Haag, 02-02-2022, C/09/598267 / HA ZA 20-827
Rechtbank Den Haag · Civiel Recht
Gegevens
Datum uitspraak
12 september 2023
Instantie
Gerechtshof AmsterdamRechtsgebied
Civiel RechtZaaknummer
200.299.878/01
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHAMS:2023:2482