Juristi.nl
ECLI:NL:GHAMS:2023:3582Civiel Recht

ECLI:NL:GHAMS:2023:3582, Gerechtshof Amsterdam, 21-11-2023, 200.301.226/01 — GHAMS:2023:3582

Samenvatting

In deze zaak gaat het om de vraag of de werknemer recht heeft op een billijke vergoeding na opzegging van de arbeidsovereenkomst door de werkgever met toestemming van het UWV. Het hof acht de door de werkgever gestelde bedrijfseconomische noodzaak om de arbeidsplaats van de werknemer te laten vervallen voldoende aannemelijk. Daarmee is er geen plaats voor de door de werknemer verzochte billijke vergoeding. Ook de door de werknemer ingestelde nevenverzoeken met betrekking tot achterstallig salaris, te weinig betaalde vakantie- en overuren, een jaarlijkse uitkering en de (hoogte van de) transitievergoeding worden afgewezen.

Betrokken advocaten

mr. B.M. Dijkstra

appellant

Rensen advocaten, ALKMAAR

mr. W. Hovingh

appellant

Schenkeveld Advocaten, ALKMAAR

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

21 november 2023

Rechtsgebied

Civiel Recht

Zaaknummer

200.301.226/01

Procedure

Hoger beroep

ECLI

ECLI:NL:GHAMS:2023:3582

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

GHAMS:2026:840
Gerechtshof Amsterdam·24 maart 2026
Civiel Recht
GHAMS:2026:835
Gerechtshof Amsterdam·24 maart 2026
Civiel Recht
GHAMS:2026:833
Gerechtshof Amsterdam·24 maart 2026
Civiel Recht
GHAMS:2026:850
Gerechtshof Amsterdam·24 maart 2026
Civiel Recht
GHAMS:2026:842
Gerechtshof Amsterdam·24 maart 2026
Civiel Recht