ECLI:NL:GHAMS:2024:3463, Gerechtshof Amsterdam, 17-12-2024, 200.329.911/01 — GHAMS:2024:3463
Samenvatting
Partijen verschillen van mening over de uitleg van een onkostenregeling. De werknemer, een buitendienstmedewerker, stelt dat hij recht heeft op een onkostenvergoeding per gewerkte dag. De werkgever voert aan dat de onkostenvergoeding alleen geldt voor daadwerkelijk in de buitendienst gewerkte dagen, dat wil zeggen dagen waarop de medewerker op pad is. Het hof volgt de werkgever in zijn uitleg en oordeelt langs de criteria van het arrest van de Hoge Raad van 22 juni 2018 (ECLI:NL:HR:2018:976, FNV/Pontmeyer) dat evenmin sprake is van een verworven recht. Het bestreden vonnis wordt bekrachtigd.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:GHSHE:2025:976, Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 08-04-2025, 200.339.247_01
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · Civiel Recht; Arbeidsrecht
ECLI:NL:GHDHA:2024:1357, Gerechtshof Den Haag, 23-07-2024, 200.320.615
Gerechtshof Den Haag · Civiel Recht; Arbeidsrecht
ECLI:NL:GHDHA:2021:2000, Gerechtshof Den Haag, 19-10-2021, 200.267.620/01
Gerechtshof Den Haag · Civiel Recht; Arbeidsrecht
ECLI:NL:RBROT:2020:4269, Rechtbank Rotterdam, 15-05-2020, 8196201 / CV EXPL 19-51786
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht; Arbeidsrecht
Gegevens
Datum uitspraak
17 december 2024
Instantie
Gerechtshof AmsterdamRechtsgebied
Civiel RechtZaaknummer
200.329.911/01
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHAMS:2024:3463