ECLI:NL:GHAMS:2025:1895, Gerechtshof Amsterdam, 22-07-2025, 200.338.002 — GHAMS:2025:1895
Samenvatting
Eiser is niet-ontvankelijk in de vordering tot herroeping, omdat deze te laat is ingesteld. Als de vordering wel tijdig zou zijn ingesteld, zou deze zijn afgewezen omdat geen feiten en omstandigheden bekend zijn geworden die zozeer de verdenking rechtvaardigen van bedrog dat eiser de gelegenheid behoort te krijgen de zaak nogmaals aan de rechter voor te leggen. Volgt veroordeling in de daadwerkelijke proceskosten omdat sprake is van misbruik van procesrecht.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBROT:2025:15647, Rechtbank Rotterdam, 24-12-2025, C/10/684548 / HA ZA 24-716
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2024:21532, Rechtbank Den Haag, 18-12-2024, C/09/627720
Rechtbank Den Haag · Civiel Recht; Intellectueel-eigendomsrecht
ECLI:NL:GHAMS:2024:3067, Gerechtshof Amsterdam, 05-11-2024, 200.335.392/01
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:RBMNE:2024:5873, Rechtbank Midden-Nederland, 23-10-2024, C/16/540990 / HA ZA 22-363
Rechtbank Midden-Nederland · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
Gegevens
Datum uitspraak
22 juli 2025
Instantie
Gerechtshof AmsterdamRechtsgebied
Civiel RechtZaaknummer
200.338.002
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHAMS:2025:1895