ECLI:NL:GHAMS:2025:3315, Gerechtshof Amsterdam, 09-12-2025, 200.339.404 — GHAMS:2025:3315
Samenvatting
Huurrecht woonruimte. De huurder van een woning komt in hoger beroep op tegen, onder meer, de ontbinding van zijn huurovereenkomst door de kantonrechter. Hij vindt dat zijn huurachterstand geen ontbinding rechtvaardigt en vraagt huurkorting en aanvullende schadevergoeding wegens gebreken aan elektra en ventilatie. Ter zitting trekt huurder zijn beroep deels in; hij handhaaft alleen de grieven die zien op de gebreken, de huurkorting en de schadevergoeding. Het hof bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter: de klachten en vorderingen van huurder zijn enerzijds onvoldoende onderbouwd en anderzijds, wat betreft de ventilatie, onderwerp van een eerdere vaststellingsovereenkomst waarin door huurder finale kwijting aan verhuurder is verleend. De beslissing over de proceskosten wordt aangehouden in afwachting van beantwoording van door de Hoge Raad aan het Hof van Justitie van de Europese Unie gestelde prejudiciële vraag over de consequentie van vernietiging van een oneerlijk proceskostenbeding.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:GHAMS:2025:2714, Gerechtshof Amsterdam, 14-10-2025, 200.311.905
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:RBNHO:2025:3640, Rechtbank Noord-Holland, 02-04-2025, C/15/361834 / KG ZA 25-62
Rechtbank Noord-Holland · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:GHAMS:2024:2617, Gerechtshof Amsterdam, 17-09-2024, 200.324.856/01
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:GHAMS:2024:1299, Gerechtshof Amsterdam, 14-05-2024, 200.340.405/01
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht
Gegevens
Datum uitspraak
9 december 2025
Instantie
Gerechtshof AmsterdamRechtsgebied
Civiel RechtZaaknummer
200.339.404
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHAMS:2025:3315