ECLI:NL:GHARL:2024:3287, Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 14-05-2024, 200.323.975/01 — GHARL:2024:3287
Samenvatting
Erfrecht. Erfgenaam vordert zekerheidsstelling voor de voldoening van zijn niet-opeisbare vordering uit de nalatenschap van zijn vader. Vordering afgewezen omdat juridische grondslag daarvoor in testament en akte van verdeling ontbreekt. Evenmin is sprake van misbruik van bevoegdheid aan de zijde van de langstlevende. Wel is de langstlevende de overeengekomen rente over de vordering verschuldigd.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBGEL:2024:1551, Rechtbank Gelderland, 20-03-2024, c/05/429164
Rechtbank Gelderland · Civiel Recht; Burgerlijk Procesrecht
ECLI:NL:GHAMS:2023:3484, Gerechtshof Amsterdam, 28-11-2023, 200.285.019/01
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:RBDHA:2023:13058, Rechtbank Den Haag, 06-09-2023, 638938
Rechtbank Den Haag · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:GHAMS:2023:951, Gerechtshof Amsterdam, 25-04-2023, 200.313.295/01
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht
Gegevens
Datum uitspraak
14 mei 2024
Instantie
Gerechtshof Arnhem-LeeuwardenRechtsgebied
Civiel RechtZaaknummer
200.323.975/01
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHARL:2024:3287