ECLI:NL:GHARL:2024:686, Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 30-01-2024, 200.331.595/01 — GHARL:2024:686
Samenvatting
Vraag of de onder bewind gestelde eiser, die bij zijn moeder inwoonde, na haar overlijden de huur van de woning kon voortzetten. Is eiser ontvankelijk nu hij zelf de procedure is gestart, en niet de bewindvoerder? Deformalisering van het procesrecht.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:GHSHE:2025:1398, Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 20-05-2025, 200.346.021_01
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · Civiel Recht
ECLI:NL:RBDHA:2023:9725, Rechtbank Den Haag, 05-07-2023, C/09/619606 / HA ZA 21-936
Rechtbank Den Haag · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:GHARL:2023:4577, Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 23-05-2023, 200.287.448/01
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · Civiel Recht; Personen- En Familierecht
ECLI:NL:GHAMS:2022:3669, Gerechtshof Amsterdam, 27-12-2022, 200.286.859/01
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht
Gegevens
Datum uitspraak
30 januari 2024
Instantie
Gerechtshof Arnhem-LeeuwardenRechtsgebied
Civiel RechtZaaknummer
200.331.595/01
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHARL:2024:686