Juristi.nl
ECLI:NL:GHARL:2024:8011Civiel Recht

ECLI:NL:GHARL:2024:8011, Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 17-12-2024, 200.335.655/01 — GHARL:2024:8011

Samenvatting

Tussen opdrachtgever en aannemer is een overeenkomst van aanneming van werk tot stand gekomen, waarbij de aannemer een verbouwing zou uitvoeren aan het woonhuis van opdrachtgever. Onderdeel van het werk is het plaatsen van nieuwe kozijnen. De prijs voor de levering van de kozijnen was verwerkt in de aanneemsom. Tijdens de bouw bleken deze kozijn duurder dan verwacht. Opdrachtgever heeft aannemer op verzoek van aannemer een nader bedrag voor de bestelling van die kozijnen betaald aan aannemer. De aannemer zou dit bedrag doorbetalen aan de producent van de kozijnen. Achteraf blijkt dat aannemer dat niet heeft gedaan. Voordat het werk was afgemaakt is aannemer in staat van faillissement verklaard. Opdrachtgevers betogen dat de bestuurder van aannemer persoonlijk aansprakelijk is voor de schade door het niet afmaken van het werk en in het bijzonder van het niet leveren van de kozijnen. Het hof is van oordeel dat het vereiste van “een voldoende ernstig persoonlijk verwijt” onvoldoende concreet is gemaakt.

Betrokken advocaten

mr. A. Knol

eiser

Saen advocatuur, ASSENDELFT

mr. S.H.J. Buitenkamp

gedaagde

ECHT advocatuur, EPE

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

17 december 2024

Rechtsgebied

Civiel Recht

Zaaknummer

200.335.655/01

Procedure

Hoger beroep

ECLI

ECLI:NL:GHARL:2024:8011

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

GHARL:2026:1879
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden·24 maart 2026
Civiel Recht
GHARL:2026:1793
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden·24 maart 2026
Civiel Recht
GHARL:2026:1881
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden·24 maart 2026
Civiel Recht
GHARL:2026:1785
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden·24 maart 2026
Civiel Recht
GHARL:2026:1798
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden·24 maart 2026
Civiel Recht