ECLI:NL:GHARL:2026:1002, Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 12-02-2026, 25/210148 — GHARL:2026:1002
Samenvatting
In deze zaak heeft het hof in een procedure op grond van artikel 12 van het Wetboek van Strafvordering geoordeeld dat de officier van justitie een aangifte tegen onder meer twee journalisten ten onrechte heeft geseponeerd. Het hof heeft verder geoordeeld dat een van de journalisten zich alsnog voor de strafrechter moet verantwoorden voor het doen van uitlatingen in een in 2024 gepubliceerd krantenartikel.
Betrokken advocaten
Sj�crona Van Stigt Advocaten, 'S-GRAVENHAGE
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:PHR:2025:565, Parket bij de Hoge Raad, 20-05-2025, 25/00419
Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht
ECLI:NL:RBOVE:2024:6390, Rechtbank Overijssel, 02-12-2024, 08.996043.19 (P)
Rechtbank Overijssel · Strafrecht
ECLI:NL:RBOVE:2024:6389, Rechtbank Overijssel, 02-12-2024, 08.996044.19 (P)
Rechtbank Overijssel · Strafrecht
ECLI:NL:GHAMS:2024:251, Gerechtshof Amsterdam, 30-01-2024, K22/230220
Gerechtshof Amsterdam · Strafrecht
Gegevens
Datum uitspraak
12 februari 2026
Instantie
Gerechtshof Arnhem-LeeuwardenRechtsgebied
StrafrechtZaaknummer
25/210148
Procedure
Beschikking
ECLI
ECLI:NL:GHARL:2026:1002