ECLI:NL:GHARL:2026:1865, Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 17-03-2026, 21-000271-22 — GHARL:2026:1865
Samenvatting
Het hof spreekt de verdachte vrij van het valselijk opmaken van vervoersbewijzen dierlijke meststoffen en het vervolgens gebruikmaken daarvan. De verdachte wordt wel veroordeeld voor het feitelijke leidinggeven aan het afgeven door een rechtspersoon van bedrijfsafvalstoffen (uienwater en van het wassen van aardappelen afkomstig proceswater) aan een bedrijf dat niet bevoegd was om die afvalstoffen te ontvangen. De bedrijfsafvalstoffen zijn niet zonder meer schadelijk voor het milieu, de redelijke termijn van berechting is overschreden en het hof heeft gelet op de gevolgen die de vervolging voor de verdachte en zijn bedrijven heeft gehad. Het hof legt een voorwaardelijke geldboete op van € 1.000,- met een proeftijd van één jaar.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBOVE:2024:2643, Rechtbank Overijssel, 22-05-2024, C/08/297920 / HA ZA 23-222
Rechtbank Overijssel · Civiel Recht
ECLI:NL:RBOVE:2024:1761, Rechtbank Overijssel, 02-04-2024, C/08/310176 KG ZA 34-2024
Rechtbank Overijssel · Civiel Recht
ECLI:NL:RBOVE:2022:451, Rechtbank Overijssel, 08-02-2022, C/08/275672 / KG ZA 22-3
Rechtbank Overijssel · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:RBOVE:2022:4124, Rechtbank Overijssel, 19-01-2022, 251642 / HA ZA 2020-291
Rechtbank Overijssel · Civiel Recht
Gegevens
Datum uitspraak
17 maart 2026
Instantie
Gerechtshof Arnhem-LeeuwardenRechtsgebied
StrafrechtZaaknummer
21-000271-22
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHARL:2026:1865