Juristi.nl

ECLI:NL:GHDHA:2025:2305, Gerechtshof Den Haag, 05-11-2025, 200.353.500/01 — GHDHA:2025:2305

Samenvatting

Huurrecht echtelijke woning en partneralimentatie. Anders dan rechtbank gaat het hof voor de draagkracht van de man uit van het feitelijk inkomen van de man en niet van het (hogere) gebruikelijke DGA-loon. Het hof stelt een lagere partneralimentatie vast dan eerder bij voorlopige voorziening is bepaald. De titel van de betalingen van de man is gelegen in de beschikking voorlopige voorziening nu de voorlopige voorziening ex artikel 822 lid 1 sub e Rv haar kracht behoudt totdat de beslissing op een verzoek als bedoeld in artikel 1:156 BW in kracht van gewijsde gaat. Hoewel in beginsel op de vrouw een terugbetalingsverplichting rust vanaf het moment dat de onderhavige beslissing in kracht van gewijsde gaat, omdat het lagere alimentatiebedrag ingaat op de dag dat de echtscheiding is ingeschreven in de daartoe bestemde registers, is het hof van oordeel dat terugbetaling van de teveel ontvangen partneralimentatie in dit geval niet van de vrouw kan worden gevergd.

Betrokken advocaten

mr. R.J. Ottens

verweerder

KOM Advocaten, NOORDWIJK ZH

mr. A.A.G. Balkenende

verweerder

Balkenende Advocatuur & Mediation, KATWIJK ZH

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

5 november 2025

Zaaknummer

200.353.500/01

Procedure

Hoger beroep

ECLI

ECLI:NL:GHDHA:2025:2305

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

GHDHA:2026:457
Gerechtshof Den Haag·25 maart 2026
Civiel Recht; Personen- En Familierecht
GHDHA:2026:491
Gerechtshof Den Haag·17 maart 2026
Civiel Recht; Personen- En Familierecht
GHDHA:2026:504
Gerechtshof Den Haag·17 maart 2026
Civiel Recht; Personen- En Familierecht
GHDHA:2026:455
Gerechtshof Den Haag·11 maart 2026
Civiel Recht; Personen- En Familierecht
GHDHA:2026:478
Gerechtshof Den Haag·11 maart 2026
Civiel Recht; Personen- En Familierecht