ECLI:NL:GHDHA:2026:257, Gerechtshof Den Haag, 03-02-2026, 200.355.874/01 — GHDHA:2026:257
Samenvatting
Abusievelijk heeft werknemer werkgever in inleidend verzoekschrift aangeduid als besloten vennootschap en niet als eenmanszaak. De vergissing was kenbaar voor werkgever. Werknemer is door de kantonrechter ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard in zijn verzoek. De buitengerechtelijke vernietiging van de arbeidsovereenkomst wegens dwaling en het ontslag op staande voet zijn niet rechtsgeldig. Het verzoek om toekenning van een billijke vergoeding en diverse andere verzoeken zijn toegewezen.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBROT:2025:13962, Rechtbank Rotterdam, 01-12-2025, C/10/710362 / KG ZA 25-1155
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:14527, Rechtbank Den Haag, 21-07-2025, C/09/687177 KG ZA 25-600
Rechtbank Den Haag · Civiel Recht; Arbeidsrecht
ECLI:NL:GHDHA:2025:643, Gerechtshof Den Haag, 15-04-2025, 200.331.623/01
Gerechtshof Den Haag · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2024:1968, Rechtbank Den Haag, 09-02-2024, C/09/659167 / KG ZA 23-1115
Rechtbank Den Haag · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
Gegevens
Datum uitspraak
3 februari 2026
Instantie
Gerechtshof Den HaagRechtsgebied
Civiel Recht; ArbeidsrechtZaaknummer
200.355.874/01
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHDHA:2026:257