ECLI:NL:GHDHA:2026:485, Gerechtshof Den Haag, 04-03-2026, 200.358.329/01 — GHDHA:2026:485
Samenvatting
Hof oordeelt dat de vrouw onvoldoende heeft gesteld en bewezen om te oordelen dat sprake is van benadeling van de gemeenschap. De man heeft voldoende inlichtingen verstrekt en er is geen sprake van een verplichting tot onderlinge rekening en verantwoording binnen een huwelijk. Investering in crypto heeft op dit moment geen waarde. Partijen komen overeen dat toekomstige waardestijgingen wel worden gedeeld. Beslissingen over schulden en gebruiksvergoeding. Alimentatie vaststellen voor jongmeerderjarige is niet mogelijk in een echtscheidingsprocedure. Het hof stelt wel kinderalimentatie vast voor het minderjarige kind van partijen. De draagkracht van de man wordt daarbij, anders dan door de rechtbank, door het hof vastgesteld conform de door de belastingdienst goedgekeurde inkomensconstructie van de man.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBROT:2025:15322, Rechtbank Rotterdam, 22-12-2025, C/10/711394 / KG ZA 25-1220
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht; Personen- En Familierecht
ECLI:NL:GHDHA:2025:2718, Gerechtshof Den Haag, 03-12-2025, 200.361.043/01
Gerechtshof Den Haag · Civiel Recht; Personen- En Familierecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:23148, Rechtbank Den Haag, 23-10-2025, C/09/691182 / FA RK 25-6744
Rechtbank Den Haag · Civiel Recht; Personen- En Familierecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:25102, Rechtbank Den Haag, 26-09-2025, C/09/673763 / FA RK 24-7255
Rechtbank Den Haag · Civiel Recht; Personen- En Familierecht
Gegevens
Datum uitspraak
4 maart 2026
Instantie
Gerechtshof Den HaagRechtsgebied
Civiel Recht; Personen- En FamilierechtZaaknummer
200.358.329/01
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHDHA:2026:485