Juristi.nl
ECLI:NL:GHSHE:2007:BA4876Civiel Recht

ECLI:NL:GHSHE:2007:BA4876, Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 29-01-2007, R200600798 — GHSHE:2007:BA4876

Samenvatting

Hof ’s-Hertogenbosch, 29 januari 2007, R200600798: Art. 15b lid 1 en lid 3 Fw Bij vonnis van 9 augustus 2005 heeft de rechtbank op grond van artikel 350, derde lid sub c en d Faillissementswet (Fw) de ten aanzien van appellante van toepassing zijnde schuldsaneringsregeling tussentijds beëindigd. Vervolgens is appellante van rechtswege in staat van faillissement komen te verkeren vanwege de door de rechtbank gehanteerde gronden voor tussentijdse beëindiging. Appellante heeft in eerste aanleg verzocht om het uitgesproken faillissement op te heffen onder het gelijktijdig uitspreken van de toepassing van de schuldsaneringsregeling. Bij vonnis, waarvan beroep, is appellante niet-ontvankelijk verklaard in haar verzoek. Het hof overweegt als volgt. Op grond van het bepaalde in artikel 15b lid 3 sub b juncto lid 1 Fw kan de rechtbank op verzoek van de gefailleerde niet diens faillissement opheffen onder het gelijktijdig uitspreken van de toepassing van de schuldsaneringsregeling indien de schuldenaar in staat van faillissement verkeert door beëindiging van de toepassing van de schuldsaneringsregeling. Met deze bepaling heeft de wetgever willen tegengaan dat een schuldenaar die tijdens de schuldsaneringsregeling failliet is verklaard, vervolgens dat faillissement weer kan doen omzetten in een schuldsaneringsregeling, enzovoorts. Bij een afwijzing van het verzoek dient de rechter het verzoek mede te toetsen aan de in artikel 288 Fw opgenomen weigeringsgronden, waarbij voor de toepassing van artikel 15b de eventuele weigeringsgrond van artikel 288, tweede lid onder a (het dan lopende faillissement) geen betekenis heeft. Op grond van het voormelde is het hof, anders dan de rechtbank, van oordeel dat artikel 15b lid 3 sub b juncto lid 1 Fw niet leidt tot niet-ontvankelijkheid, doch een toetsing vergt. Derhalve zal het hof het verzoek van appellante mede toetsen aan de bepalingen van artikel 288 Fw.

Betrokken advocaten

mr. M.J.H.J. Wijnhoven

appellant

ASML, VELDHOVEN

mr. J.E. van den Akker-Janssen

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

29 januari 2007

Rechtsgebied

Civiel Recht

Zaaknummer

R200600798

Procedure

Hoger beroep

ECLI

ECLI:NL:GHSHE:2007:BA4876

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

GHSHE:2025:3438
Gerechtshof 's-Hertogenbosch·2 december 2025
Civiel Recht
GHSHE:2025:3331
Gerechtshof 's-Hertogenbosch·18 november 2025
Civiel Recht
GHSHE:2025:2748
Gerechtshof 's-Hertogenbosch·7 oktober 2025
Civiel Recht
GHSHE:2025:2685
Gerechtshof 's-Hertogenbosch·30 september 2025
Civiel Recht
GHSHE:2025:2459
Gerechtshof 's-Hertogenbosch·9 september 2025
Civiel Recht