ECLI:NL:GHSHE:2014:1881, Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 24-06-2014, HD 200.100.036_01 — GHSHE:2014:1881
Samenvatting
Parallelimport. Degene aan wie merkinbreuk wordt verweten is er niet in geslaagd aannemelijk te maken dat indien zij met het bewijs van uitputting van het merkrecht in verband met parallelimport vanuit een land in de EG of de EER zou worden belast het concrete en reële gevaar bestaat dat de merkgerechtigde de (nationale) markten zal gaan afschermen. Degene aan wie merkinbreuk wordt verweten wordt thans toegelaten tot het bewijs dat de goederen door de merkgerechtigde of met haar toestemming, onder haar merk , in de EG of EER in het verkeer zijn gebracht.
Betrokken advocaten
mr. L.Y. Pawlikowski te Waalwijk
geïntimeerde
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBDHA:2025:21387, Rechtbank Den Haag, 12-11-2025, C/09/668249 / HA ZA 24-523
Rechtbank Den Haag · Civiel Recht; Intellectueel-eigendomsrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:11120, Rechtbank Den Haag, 25-06-2025, 667550
Rechtbank Den Haag · Civiel Recht; Intellectueel-eigendomsrecht
ECLI:NL:RBDHA:2024:17256, Rechtbank Den Haag, 23-10-2024, C/09/661518
Rechtbank Den Haag · Civiel Recht; Insolventierecht
ECLI:NL:RBDHA:2023:17781, Rechtbank Den Haag, 17-11-2023, C/09/650978 / KG ZA 23-616
Rechtbank Den Haag · Civiel Recht; Intellectueel-eigendomsrecht
Gegevens
Datum uitspraak
24 juni 2014
Instantie
Gerechtshof 's-HertogenboschRechtsgebied
Civiel Recht; Intellectueel-eigendomsrechtZaaknummer
HD 200.100.036_01
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHSHE:2014:1881