ECLI:NL:GHSHE:2016:5304, Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 29-11-2016, 200 191 979_01 — GHSHE:2016:5304
Samenvatting
Aanbestedingsrecht. Was bij een dienstenconcessie in 2015 sprake van een duidelijk grensoverschrijdend belang als bedoeld in artikel 1.7 (oud) Aanbestedingswet 2012 en hadden daarom de aanbestedingsrechtelijke beginselen in acht moeten worden genomen? Volgens het hof is dat niet aannemelijk gemaakt. Uit de omstandigheid dat eisende/appellerende partij een Franse moedervennootschap heeft volgt niet de gevolgtrekking dat sprake is van belangstelling vanuit het buitenland. Geen anticipatie op het drempelbedrag van de per 18 april 2016 in werking getreden Richtlijn 2014/23/EU.
Betrokken advocaten
mr. J.V. van Ophem
appellant
mr. E.S. Jaques
geïntimeerde
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBAMS:2024:1861, Rechtbank Amsterdam, 20-03-2024, C/13/747349 / KG ZA 24-176
Rechtbank Amsterdam · Civiel Recht; Aanbestedingsrecht
ECLI:NL:RBOVE:2023:353, Rechtbank Overijssel, 01-02-2023, C/08/288494 / KG ZA 22-246
Rechtbank Overijssel · Civiel Recht; Aanbestedingsrecht
ECLI:NL:RBDHA:2021:13967, Rechtbank Den Haag, 16-11-2021, C/09/617540 KG ZA 21-847
Rechtbank Den Haag · Civiel Recht
ECLI:NL:RBDHA:2021:8816, Rechtbank Den Haag, 11-08-2021, C/09/611145 / KG ZA 21-407
Rechtbank Den Haag · Civiel Recht; Aanbestedingsrecht
Gegevens
Datum uitspraak
29 november 2016
Instantie
Gerechtshof 's-HertogenboschRechtsgebied
Civiel Recht; AanbestedingsrechtZaaknummer
200 191 979_01
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHSHE:2016:5304