Juristi.nl
ECLI:NL:GHSHE:2022:2537Strafrecht; Materieel Strafrecht

ECLI:NL:GHSHE:2022:2537, Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 23-05-2022, 20-000834-21 — GHSHE:2022:2537

Samenvatting

Het hof is van oordeel dat de invordering van een rijbewijs van kracht is zolang het rijbewijs niet is teruggegeven. Als moment van teruggave geldt het moment waarop het rijbewijs feitelijk aan de verdachte is teruggegeven en hij daarover dus kan beschikken. Nu de verdachte ten tijde van het tenlastegelegde op 19 oktober 2020 feitelijk (nog) niet beschikte over zijn rijbewijs, nadat dit was ingevorderd, was het rijbewijs op dat moment dus nog niet teruggegeven in de zin van de wet. Zelfs als zou vaststaan dat het rijbewijs door het CBR niet onverwijld is teruggegeven, terwijl dat wel had moeten gebeuren, doet dit niets af aan het feit dat de verdachte zonder feitelijke beschikking over zijn rijbewijs niet mocht rijden. Dat de verdachte tijdens de cursus zou hebben vernomen dat hij mocht rijden, maakt dit evenmin anders.

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

23 mei 2022

Zaaknummer

20-000834-21

Procedure

Hoger beroep

ECLI

ECLI:NL:GHSHE:2022:2537

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

GHSHE:2025:1541
Gerechtshof 's-Hertogenbosch·4 juni 2025
Strafrecht; Materieel Strafrecht
GHSHE:2023:442
Gerechtshof 's-Hertogenbosch·6 februari 2023
Strafrecht; Materieel Strafrecht
GHSHE:2022:3622
Gerechtshof 's-Hertogenbosch·19 oktober 2022
Strafrecht; Materieel Strafrecht
GHSHE:2021:197
Gerechtshof 's-Hertogenbosch·26 januari 2021
Strafrecht; Materieel Strafrecht
GHSHE:2020:3868
Gerechtshof 's-Hertogenbosch·15 december 2020
Strafrecht; Materieel Strafrecht