ECLI:NL:GHSHE:2022:4004, Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 21-11-2022, 200.309.432/02 - Wr 375-24-2022 — GHSHE:2022:4004
Samenvatting
Wraking. Uit de (poging tot) ordehandhaving kan, naar het oordeel van de wrakingskamer, niet worden afgeleid dat de raadsheren, althans de voorzitter, een vooringenomenheid koesteren jegens verzoeker of dat sprake is van partijdigheid, noch dat bij hem naar objectieve maatstaven de vrees daarvoor kan ontstaan. De overige stellingen van verzoeker missen feitelijke grondslag en kunnen derhalve evenmin tot wraking van de raadsheren leiden. Volgt afwijzing van het wrakingsverzoek.
Betrokken advocaten
mr. P.P.M. van Reijsen
appellant
mr. M.J. van Laarhoven
appellant
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBDHA:2025:15366, Rechtbank Den Haag, 06-08-2025, C/09/668458 / HA ZA 24-538
Rechtbank Den Haag · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:GHDHA:2024:2536, Gerechtshof Den Haag, 18-12-2024, 200.324.369/01 en 200/324.371/01
Gerechtshof Den Haag · Civiel Recht; Personen- En Familierecht
ECLI:NL:GHDHA:2023:1388, Gerechtshof Den Haag, 18-07-2023, 200.310.827/01
Gerechtshof Den Haag · Civiel Recht
ECLI:NL:GHARL:2023:5094, Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 25-05-2023, 200.312.423
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · Civiel Recht; Personen- En Familierecht
Gegevens
Datum uitspraak
21 november 2022
Instantie
Gerechtshof 's-HertogenboschRechtsgebied
Civiel RechtZaaknummer
200.309.432/02 - Wr 375-24-2022
Procedure
Wraking
ECLI
ECLI:NL:GHSHE:2022:4004