ECLI:NL:GHSHE:2023:1892, Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 08-06-2023, 200.323.362_01 — GHSHE:2023:1892
Samenvatting
Hoger beroep tegen een beschikking van de rechter-commissaris waarin een verzoek om drie (aanvullende) getuigen te mogen horen, is afgewezen. Geen discretionaire bevoegdheid voor de rechter-commissaris in een voorlopig getuigenverhoor tot begrenzing van het aantal van de te horen getuigen. De rechter-commissaris heeft het verzoek ten aanzien van twee getuigen echter op dat moment terecht afgewezen. Omdat inmiddels de adresgegevens bekend zijn, moet ex nunc oordelend het verzoek van appellante alsnog worden toegewezen. Ook wijst het hof het verzoek ten aanzien van de derde getuige toe, omdat het willen afleggen van een schriftelijke verklaring onvoldoende reden oplevert om deze getuige niet te horen en vanwege proceseconomische redenen.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:GHDHA:2026:391, Gerechtshof Den Haag, 24-03-2026, 200.333.996/01
Gerechtshof Den Haag · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2026:1178, Rechtbank Den Haag, 27-01-2026, 09/181270-22
Rechtbank Den Haag · Strafrecht
ECLI:NL:RBZWB:2025:9252, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 17-12-2025, C/02/407654 / HA ZA 23-153 (E)
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · Civiel Recht
ECLI:NL:RBZWB:2025:8151, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 21-11-2025, 24/4158 en 24/4159
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · Bestuursrecht; Belastingrecht
Gegevens
Datum uitspraak
8 juni 2023
Instantie
Gerechtshof 's-HertogenboschRechtsgebied
Civiel RechtZaaknummer
200.323.362_01
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHSHE:2023:1892