ECLI:NL:GHSHE:2023:2498, Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 31-07-2023, 20-000565-22 — GHSHE:2023:2498
Samenvatting
Het hof bevestigt het vonnis waarvan beroep, met uitzondering van de opgelegde straf en de beslissingen op het beslag, vordering tot tenuitvoerlegging en de vorderingen tot schadevergoeding van de benadeelde partijen. Ten laste van de verdachte is bewezenverklaard dat hij zich in een periode van twee maanden tweemaal schuldig heeft gemaakt aan een poging tot doodslag. De verdachte heeft in het ene geval het slachtoffer van achteren in de rug gestoken terwijl zij aan het hardlopen was. In het andere geval heeft hij het slachtoffer iets gevraagd en nadat zij antwoord gaf, heeft hij haar een aantal malen in het gezicht gestoken en richting de borst van het slachtoffer gestoken, waarbij enkel de jas van het slachtoffer is geraakt. Het ging daarbij in beide gevallen om een volstrekt willekeurige vrouw als slachtoffer. Het hof veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 12 jaren met aftrek van het voorarrest. Daarnaast legt het hof ambtshalve de maatregel strekkende tot gedragsbeïnvloeding of vrijheidsbeperking ex artikel 38z van het Wetboek van Strafrecht op. Ten slotte wijst het hof de vorderingen tot schadevergoeding van de benadeelde partijen (deels) toe met oplegging van schadevergoedingsmaatregelen.
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBROT:2025:10709, Rechtbank Rotterdam, 09-09-2025, 10-011408-23
Rechtbank Rotterdam · Strafrecht
ECLI:NL:RVS:2025:4004, Raad van State, 20-08-2025, 202404700/1/R4
Raad van State · Bestuursrecht
ECLI:NL:RVS:2025:2725, Raad van State, 18-06-2025, 202207206/1/R3
Raad van State · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:10057, Rechtbank Den Haag, 10-06-2025, NL24.45430
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Gegevens
Datum uitspraak
31 juli 2023
Instantie
Gerechtshof 's-HertogenboschRechtsgebied
StrafrechtZaaknummer
20-000565-22
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHSHE:2023:2498