Juristi.nl
ECLI:NL:GHSHE:2024:699Bestuursrecht; Belastingrecht

ECLI:NL:GHSHE:2024:699, Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 06-03-2024, 22/00148 — GHSHE:2024:699

Samenvatting

WOZ. Schadevergoeding in verband met overschrijding redelijke termijn. De belastingkamer van het gerechtshof ’s-Hertogenbosch heeft prejudiciële vragen aan de Hoge Raad gesteld. Deze vragen zien op de vergoeding van immateriële schade en de vergoeding van het geheven griffierecht. Tot op heden hanteert de Hoge Raad een vergoeding van immateriële schade van € 500 per half jaar dat de redelijke termijn voor de behandeling van een zaak wordt overschreden. Al langer speelt de vraag of in bepaalde geschillen, met name waarin sprake is van geringe financiële belangen, een dergelijke vergoeding redelijk is en of de vergoeding niet op een lager bedrag moet worden vastgesteld. De rechtbanken en gerechtshoven oordelen daarover verschillend. De advocaat-generaal bij de Hoge Raad heeft op 17 november 2023 daarover een conclusie uitgebracht. Het gerechtshof acht de kans aanwezig dat de Hoge Raad in die zaak niet toekomt aan de beantwoording van alle vraagpunten die de advocaat-generaal heeft opgeworpen. Om die reden wordt in deze zaak een aantal vragen aan de Hoge Raad voorgelegd.

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

6 maart 2024

Zaaknummer

22/00148

Procedure

Hoger beroep

ECLI

ECLI:NL:GHSHE:2024:699

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

GHSHE:2026:674
Gerechtshof 's-Hertogenbosch·11 maart 2026
Bestuursrecht; Belastingrecht
GHSHE:2026:672
Gerechtshof 's-Hertogenbosch·11 maart 2026
Bestuursrecht; Belastingrecht
GHSHE:2026:670
Gerechtshof 's-Hertogenbosch·11 maart 2026
Bestuursrecht; Belastingrecht
GHSHE:2026:669
Gerechtshof 's-Hertogenbosch·11 maart 2026
Bestuursrecht; Belastingrecht
GHSHE:2026:667
Gerechtshof 's-Hertogenbosch·11 maart 2026
Bestuursrecht; Belastingrecht