Juristi.nl
ECLI:NL:GHSHE:2025:201Civiel Recht

ECLI:NL:GHSHE:2025:201, Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 28-01-2025, 200.303.136_01 — GHSHE:2025:201

Samenvatting

Het gaat na bewijslevering nog om de vraag of [geïntimeerde] hetgeen tussen partijen in artikel 12 van de vaststellingsovereenkomst (hierna: Vervreemdingsbeding 2) is overeengekomen heeft geschonden door de percelen in gebruik te geven aan [persoon A] (junior) (zonder dat sprake is van geliberaliseerde pacht) en hem deze percelen voor eigen rekening en risico te laten exploiteren. Na waardering van het door [naam] in eerste aanleg en in hoger beroep aangedragen bewijs, komt het hof tot het oordeel dat [naam] niet in dit bewijs is geslaagd. Nu niet vast is komen te staan dat [geïntimeerde] het Vervreemdingsbeding 2 heeft geschonden, kunnen de vorderingen van [naam] ook in hoger beroep niet worden toegewezen. Het hof bekrachtigt het bestreden vonnis van de rechtbank.

Betrokken advocaten

mr. H.M.M. van den Elzen

appellant

Van Rooy | Van Kessel Advocaten, BOXTEL

mr. R.B.J.M. van der Linden

appellant

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

28 januari 2025

Rechtsgebied

Civiel Recht

Zaaknummer

200.303.136_01

Procedure

Hoger beroep

ECLI

ECLI:NL:GHSHE:2025:201

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

GHSHE:2025:3438
Gerechtshof 's-Hertogenbosch·2 dec 2025
Civiel Recht
GHSHE:2025:3331
Gerechtshof 's-Hertogenbosch·18 nov 2025
Civiel Recht
GHSHE:2025:2748
Gerechtshof 's-Hertogenbosch·7 okt 2025
Civiel Recht
GHSHE:2025:2685
Gerechtshof 's-Hertogenbosch·30 sep 2025
Civiel Recht
GHSHE:2025:2459
Gerechtshof 's-Hertogenbosch·9 sep 2025
Civiel Recht