ECLI:NL:GHSHE:2026:466, Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 25-02-2026, 23/890 — GHSHE:2026:466
Samenvatting
WOZ-waarde bedrijfspand 2021. Het hof is van oordeel dat de heffingsambtenaar de WOZ-waarde op basis van het eigen verkoopcijfer aannemelijk heeft gemaakt. Het hof oordeelt dat de rechtbank ten onrechte een immateriële schadevergoeding heeft toegekend, omdat een deel van de termijnoverschrijding is te wijten aan het niet-onderbouwde beroep op betalingsonmacht van belanghebbende. Belanghebbende heeft geen recht op een immateriële schadevergoeding, omdat niet aannemelijk is gemaakt dat het financiële belang bij de procedure hoger is dan € 1.000. Het incidenteel hoger beroep van de heffingsambtenaar is gegrond en het hoger beroep van belanghebbende is ongegrond.
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:GHSHE:2024:1870, Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 05-06-2024, 22/1507
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · Bestuursrecht; Belastingrecht
ECLI:NL:GHSHE:2022:4004, Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 21-11-2022, 200.309.432/02 - Wr 375-24-2022
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · Civiel Recht
ECLI:NL:RBDHA:2018:2148, Rechtbank Den Haag, 23-02-2018, NL18.1818
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2017:13391, Rechtbank Den Haag, 16-11-2017, AWB - 17 _ 1614
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht
Gegevens
Datum uitspraak
25 februari 2026
Instantie
Gerechtshof 's-HertogenboschRechtsgebied
Bestuursrecht; BelastingrechtZaaknummer
23/890
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHSHE:2026:466