Juristi.nl
ECLI:NL:HR:2024:493Strafrecht

ECLI:NL:HR:2024:493, Hoge Raad, 26-03-2024, 22/00207 — HR:2024:493

Samenvatting

Art. 416.2 Sv na veroordeling t.z.v. witwassen van geldbedrag (art. 420bis.1.a Sr). Aanwezigheidsrecht, detentie in buitenland (Frankrijk) uit anderen hoofde gebleken uit in cassatie overgelegde stukken. Dagvaarding in hoger beroep is 21 dagen vóór tz. in h.b. uitgereikt aan medewerker OM, na vergeefse aanbieding van dagvaarding op BRP-adres van verdachte. Als dagvaarding van verdachte die is ingeschreven in BRP, geldig is betekend en verdachte niet op tz. is verschenen en zijn bepaaldelijk gemachtigde raadsman ook niet, kan rechter (behoudens duidelijke aanwijzingen van tegendeel) uitgaan van vermoeden dat verdachte vrijwillig afstand heeft gedaan van zijn recht om in zijn tegenwoordigheid te worden berecht. Mogelijkheid bestaat echter dat achteraf moet worden vastgesteld dat aan recht van verdachte om in zijn tegenwoordigheid te worden berecht, is tekortgedaan. Dit kan zich voordoen als verdachte tijdens behandeling van zijn zaak i.v.m. andere strafzaak was gedetineerd zonder dat dit rechter bekend was. Aan herkomst en betrouwbaarheid van stukken die in cassatie zijn overgelegd, behoeft in redelijkheid niet te worden getwijfeld. Uit die stukken moet worden afgeleid dat verdachte tijdens behandeling van zijn strafzaak in h.b. in verband met andere zaak in buitenland was gedetineerd. Gelet daarop en in aanmerking genomen dat dagvaarding om op tz. in h.b. te verschijnen rechtsgeldig maar niet in persoon is uitgereikt en op die tz. geen bepaaldelijk gemachtigde raadsman aanwezig was, is ’s hofs beslissing om tegen verdachte verstek te verlenen en onderzoek ttz. voort te zetten, achteraf bezien onjuist. Wegens groot belang van verdachte om bij behandeling van zijn zaak aanwezig te zijn, moet verdachte de mogelijkheid worden geboden om zijn zaak alsnog in h.b. in zijn tegenwoordigheid te doen behandelen. Volgt vernietiging en terugwijzing.

Betrokken advocaten

mr. T. de Haan

verdachte

Advocatenkantoor De Haan, UTRECHT

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

26 maart 2024

Instantie

Hoge Raad

Rechtsgebied

Strafrecht

Zaaknummer

22/00207

Procedure

Cassatie

ECLI

ECLI:NL:HR:2024:493

Bekijk op rechtspraak.nl