ECLI:NL:HR:2024:952, Hoge Raad, 02-07-2024, 23/02030 — HR:2024:952
Samenvatting
(Poging tot) verkrachting, meermalen gepleegd (art. 242 Sr), feitelijke aanranding van eerbaarheid, meermalen gepleegd (art. 246 Sr) en ontucht (art. 247 Sr) door dansleraar en eigenaar dansschool in Groningen. 1. Bewijsklacht verkrachting en aanranding. Bewijsminimum, art. 342.2 Sv (unus testis). Kon hof per geval de aangifte van aangeefster doen steunen op verklaring van verdachte? 2. Strafmotivering (gevangenisstraf van 8 jaren). Heeft hof ten onrechte niet beslist op uitdrukkelijk onderbouwd standpunt m.b.t. straftoemeting? HR: art. 81.1 RO.
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:HR:2025:1926, Hoge Raad, 16-12-2025, 23/02932
Hoge Raad · Strafrecht
ECLI:NL:HR:2025:499, Hoge Raad, 08-04-2025, 23/00210
Hoge Raad · Strafrecht
ECLI:NL:HR:2025:359, Hoge Raad, 11-03-2025, 24/00579
Hoge Raad · Strafrecht
ECLI:NL:HR:2024:1524, Hoge Raad, 22-10-2024, 23/03615
Hoge Raad · Strafrecht
Gegevens
Datum uitspraak
2 juli 2024
Instantie
Hoge RaadRechtsgebied
StrafrechtZaaknummer
23/02030
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
ECLI
ECLI:NL:HR:2024:952