Hoge Raad wijst cassatie tegen afgewezen belastingbeslag af — HR:2026:548
belastingrecht / ontvankelijkheid cassatieberoep / voorlopige voorziening
Eiser / verzoeker
X (belanghebbende)
Verweerder / gedaagde
niet vermeld (belastingautoriteit)
Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk omdat de wet geen cassatie toestaat tegen een afwijzing van een voorlopige voorziening.
- Cassatie tegen afwijzing voorlopige voorziening door voorzieningenrechter is wettelijk uitgesloten op grond van art. 28 lid 4 letter c AWR jo. art. 8:84 lid 2 letter c Awb
- Hoge Raad kan alleen kennis nemen van cassatieberoepen voor zover de wet dit uitdrukkelijk toestaat
- Geen proceskosten opgelegd
Samenvatting
Een belastingplichtige probeerde via de Hoge Raad een uitspraak aan te vechten van de voorzieningenrechter van de Rechtbank Overijssel. Die rechter had in december 2025 zijn verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen in een belastingzaak.
De Hoge Raad stond echter niet open voor dit cassatieberoep. Op grond van de wet — artikel 28 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen in combinatie met de Algemene wet bestuursrecht — is het simpelweg niet mogelijk om in cassatie te gaan tegen een uitspraak waarbij een voorzieningenrechter een verzoek om een voorlopige voorziening heeft afgewezen. Dit geldt ongeacht de inhoud van de onderliggende belastingzaak.
De Hoge Raad verklaarde het cassatieberoep dan ook niet-ontvankelijk. Een veroordeling in de proceskosten werd niet opgelegd.
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:HR:2026:473, Hoge Raad, 20-03-2026, 25/02774
Hoge Raad · Bestuursrecht; Belastingrecht
ECLI:NL:HR:2026:102, Hoge Raad, 23-01-2026, 25/01385
Hoge Raad · Bestuursrecht; Belastingrecht
ECLI:NL:HR:2025:1596, Hoge Raad, 24-10-2025, 25/02087
Hoge Raad · Bestuursrecht; Belastingrecht
ECLI:NL:HR:2025:1265, Hoge Raad, 12-09-2025, 25/01955
Hoge Raad · Bestuursrecht; Belastingrecht
Gegevens
Datum uitspraak
27 maart 2026
Instantie
Hoge RaadRechtsgebied
Bestuursrecht; BelastingrechtZaaknummer
25/04801
Procedure
Cassatie
ECLI
ECLI:NL:HR:2026:548