Juristi.nl
ECLI:NL:OGEAC:2026:51Civiel Recht

Rechter laat koop twee woningen Curaçao in het midden — OGEAC:2026:51

koopovereenkomst onroerend goed / financieringsvoorbehoud / ontbinding

Eiser / verzoeker

Stichting Particulier Fonds Heerlijk Curaçao Elisabeth (de verkoper)

VS

Verweerder / gedaagde

Stichting Particulier Fonds [...] (de koper)

Zowel de vordering van de verkoper (teruggave woningen) als de vordering van de koper (juridische levering) worden afgewezen; geen van beide partijen krijgt gelijk in kort geding.

  • De e-mails van de koper over het financieringsvoorbehoud zijn voor meerdere uitleg vatbaar en vormen in kort geding onvoldoende bewijs voor een rechtsgeldige ontbinding.
  • De vordering van de verkoper tot teruggave van de woningen wordt geweigerd omdat niet met voldoende zekerheid vaststaat dat de koopovereenkomst is ontbonden.
  • De tegenvordering van de koper tot juridische levering van de woningen wordt evenmin toegewezen, omdat een dergelijke ingrijpende maatregel in kort geding niet passend is.
  • Het geschil over de vraag of de koopovereenkomst rechtsgeldig is ontbonden moet in een bodemprocedure worden beslecht.

Samenvatting

Een geschil over twee woningen in het Elisabeth Resort op Curaçao belandde bij de rechter nadat verkoper en koper het oneens werden over de vraag of hun koopovereenkomst al dan niet was ontbonden. De koopsom bedroeg 2,5 miljoen Curaçaose gulden, en de woningen waren al feitelijk aan de koper ter beschikking gesteld — ook voor vakantieverhuur — nog vóór de juridische overdracht had plaatsgevonden.

De koopovereenkomst bevatte een financieringsvoorbehoud: als de koper vóór 15 december 2025 geen hypotheek zou hebben gekregen, kon de koop worden ontbonden. Op verzoek van de koper werd die termijn met wederzijds goedvinden verlengd tot 10 januari 2026. Maar ook die deadline leverde geen definitieve financiering op.

In de aanloop naar die datum stuurde de koper op 9 januari een e-mail waarin hij vroeg om nóg meer uitstel, maar tegelijk schreef dat hij 'gebruik zou moeten maken van de ontbindende voorwaarde' als dat uitstel er niet zou komen. De verkoper weigerde verder uitstel en interpreteerde deze berichten als een rechtsgeldig beroep op het financieringsvoorbehoud — en dus als ontbinding van de koopovereenkomst. De koper betwistte dit: hij had helemaal geen ontbinding gewild, maar slechts uitstel gevraagd, en het financieringstraject met Banco di Caribe bevond zich in zijn ogen nog in de afrondende fase.

De verkoper stapte naar de rechter en eiste teruggave van de woningen. De koper diende een tegenvordering in en eiste juist nakoming: juridische levering van de woningen via de notaris.

Het gerecht oordeelde dat in dit kort geding niet met voldoende zekerheid kan worden vastgesteld dat de koopovereenkomst daadwerkelijk is ontbonden. De e-mails van de koper zijn voor meerdere uitleg vatbaar: enerzijds meldde hij gebruik te moeten maken van het financieringsvoorbehoud, anderzijds maakte hij duidelijk dat ontbinding nooit zijn bedoeling was en dat hij actief bezig was met het verkrijgen van de financiering. De rechter kon in dit stadium niet uitsluiten dat de bodemrechter tot de conclusie zou komen dat de koper geen rechtsgeldig beroep op het financieringsvoorbehoud had gedaan.

Dat betekende echter niet dat de koper gelijk kreeg. Ook zijn vordering tot juridische levering werd afgewezen. In kort geding is een ingrijpende maatregel als gedwongen levering van onroerend goed niet op zijn plaats zolang de kern van het geschil — is de overeenkomst ontbonden of niet — nog niet definitief is beslist.

Bothde vordering van de verkoper en die van de koper werden dus afgewezen. De rechter weigerde beide gevraagde voorzieningen, waarmee de zaak in feite wordt doorverwezen naar een bodemprocedure waar het geschil over de ontbinding inhoudelijk kan worden beoordeeld.

Betrokken advocaten

mr. C.A. Peterson

eiser

mr. E. Bokkes

verweerder

mr. G. Hatzmann

verweerder

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

2 april 2026

Rechtsgebied

Civiel Recht

Zaaknummer

CUR202600657

Procedure

Kort geding

ECLI

ECLI:NL:OGEAC:2026:51

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

Rechter dwingt zus mee te werken aan woningverkoop na goudruzie
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao·26 maart 2026
Civiel Recht
OGEAC:2026:40
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao·16 maart 2026
Civiel Recht
OGEAC:2026:29
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao·12 maart 2026
Civiel Recht
OGEAC:2026:50
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao·11 maart 2026
Civiel Recht
OGEAC:2026:30
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao·2 maart 2026
Civiel Recht