ECLI:NL:RBAMS:2011:BV2783, Rechtbank Amsterdam, 29-11-2011, 13/464415-09 — RBAMS:2011:BV2783
Samenvatting
Niet-ontvankelijkheid officier van justitie wegens overschrijding redelijke termijn. De Hoge Raad heeft in zijn arrest van 17 juni 2008 (LJN BD 2578) bepaald dat overschrijding van de redelijke termijn niet tot niet-ontvankelijkheidverklaring van het openbaar ministerie in de strafvervolging leidt, ook niet in uitzonderlijke gevallen. Regel is dat overschrijding van de redelijke termijn wordt gecompenseerd door strafvermindering. De vraag rijst of de Hoge Raad bij de formulering van deze regel rekening heeft gehouden met het bijzondere karakter van het jeugdstrafrecht en het Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind. Artikel 3 lid 1 IRVK bepaalt dat bij alle maatregelen betreffende kinderen, de belangen van het kind de eerste overweging vormen. Ook in het jeugdstrafrecht zal dit als uitgangspunt dienen te gelden. Hiermee wordt het pedagogische karakter van het jeugdstrafrecht bevestigd. Het pedagogisch karakter van het jeugdstrafrecht maakt dat de strafrechtelijke reactie snel, doeltreffend en op maat moet zijn. Naarmate die reactie langer op zich laat wachten, wordt het pedagogisch effect minder, nihil en kan uiteindelijk zelfs averechts van aard worden. Gelet op de specifieke omstandigheden van het geval – het zonder duidelijke reden pas 29 maanden na de aanhouding van de minderjarige verdachte terzake een eenvoudige winkeldiefstal, overgaan tot behandeling van de strafzaak -, dient het Openbaar Ministerie in de vervolging niet-ontvankelijk te worden verklaard (zie ook Rb. Amsterdam, 29 november 2011, LJN BV2784. Overschrijding redelijke termijn met 28 maanden. OM niet-ontvankelijk)
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBDHA:2025:9944, Rechtbank Den Haag, 05-06-2025, AWB 23/15019 + AWB 24/78 + AWB 24/704 + AWB 23/15021 + AWB 24/76
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:4571, Rechtbank Den Haag, 20-03-2025, NL25.8606
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:2566, Rechtbank Den Haag, 20-02-2025, NL25.7968
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2024:5396, Rechtbank Den Haag, 16-04-2024, NL23.15395
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht
Gegevens
Datum uitspraak
29 november 2011
Instantie
Rechtbank AmsterdamRechtsgebied
StrafrechtZaaknummer
13/464415-09
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBAMS:2011:BV2783