ECLI:NL:RBAMS:2022:4028, Rechtbank Amsterdam, 17-05-2022, RK 22/225 — RBAMS:2022:4028
Samenvatting
Het beklag is gericht tegen de kennisneming van camerabeelden. De vordering tot het verstrekken van deze beelden mag niet aan verdachte worden gedaan o.g.v. art. 126nda Sv. Klaagster (een supermarkt) stelt dat zij als verdachte moet worden gezien nu de gedragingen van R. en K. aan klaagster kunnen worden toegerekend. O.g.v. art. 51 Sr kunnen strafbare feiten worden begaan door natuurlijke personen en rechtspersonen. R. en K. zijn in dienstbetrekking dan wel anderszins werkzaam bij klaagster. De verdenking ziet op een mishandeling van een klant. Indien dat kan worden bewezen, dan acht de rechtbank dat gedrag niet passend in de normale bedrijfsvoering of taakuitoefening van klaagster. De rechtbank is van oordeel dat de gedragingen van R. en K. niet in redelijkheid aan klaagster kunnen worden toegerekend. Nu klaagster door het OM niet als verdachte is aangemerkt en in het kader van een summiere toetsing in de beklagprocedure, kunnen de vermeende gedragingen niet aan klaagster worden toegerekend en is de vordering tot het verstrekken van camerabeelden niet aan verdachte gedaan. Het beklag is ongegrond.
Betrokken advocaten
NautaDutilh, AMSTERDAM
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBAMS:2025:7389, Rechtbank Amsterdam, 07-10-2025, 25-013362
Rechtbank Amsterdam · Strafrecht
ECLI:NL:RBAMS:2024:8, Rechtbank Amsterdam, 02-01-2024, 13/202018-22
Rechtbank Amsterdam · Strafrecht
ECLI:NL:RBAMS:2023:4027, Rechtbank Amsterdam, 30-06-2023, 13.005107.23
Rechtbank Amsterdam · Strafrecht
ECLI:NL:RBAMS:2022:7654, Rechtbank Amsterdam, 21-12-2022, 13/151683-22 (Promis)
Rechtbank Amsterdam · Strafrecht
Gegevens
Datum uitspraak
17 mei 2022
Instantie
Rechtbank AmsterdamRechtsgebied
StrafrechtZaaknummer
RK 22/225
Procedure
Beschikking
ECLI
ECLI:NL:RBAMS:2022:4028