Juristi.nl
ECLI:NL:RBAMS:2023:7965Strafrecht

ECLI:NL:RBAMS:2023:7965, Rechtbank Amsterdam, 15-11-2023, 13-138362-23 — RBAMS:2023:7965

Samenvatting

Verdachte heeft zich op 5 mei 2023 schuldig gemaakt aan een poging tot zware mishandeling van een onbekend gebleven slachtoffer. Verdachte heeft samen met andere jongeren het slachtoffer op het Bijlmerstation in elkaar geslagen en getrapt. Het aandeel van verdachte bestaat onder andere uit het vasthouden, het slaan en het trappen van het slachtoffer. De rechtbank is van oordeel dat niet kan worden vastgesteld dat door de bewezenverklaarde geweldshandelingen, bestaande uit het vasthouden, het slaan en het schoppen van het slachtoffer, een aanmerkelijke kans op de dood van het slachtoffer is ontstaan. De rechtbank zal verdachte van de poging tot doodslag vrijspreken. De rechtbank is wel van oordeel dat door zo te handelen een aanmerkelijke kans op zwaar lichamelijk letsel bij het slachtoffer is ontstaan. Het op deze manier handelen van verdachte is bovendien naar de uiterlijke verschijningsvorm zozeer gericht op het veroorzaken van zwaar lichamelijk letsel bij het slachtoffer, dat verdachte de aanmerkelijke kans op dat gevolg bewust heeft aanvaard. De rechtbank acht daarom het medeplegen van de poging tot zware mishandeling bewezen. Ten aanzien van verdachte bestaat een vermoeden van een lichtverstandelijke beperking. Hij lijkt iets kinderlijker gedrag te vertonen dan gezien zijn kalenderleeftijd verwacht wordt, risico’s van zijn eigen handelen beperkt in te kunnen schatten en vertoont impulsief gedrag. Verdachte neemt nog actief deel aan zijn gezin en is sterk ontvankelijk voor sociale, emotionele of praktische ondersteuning of beïnvloeding door volwassenen. Gelet op deze omstandigheden vindt de reclassering toepassing van het jeugdstrafrecht het best passend en ziet hiervoor geen contra-indicaties. Ook de rechtbank is van oordeel dat het toepassen van het jeugdstrafrecht van belang is voor de verdere persoonlijke ontwikkeling van verdachte, om zodoende de kans op herhaling zoveel mogelijk te voorkomen. Ook de maatschappelijke belangen zijn daar naar het oordeel van de rechtbank mee gediend. De rechtbank zal het advies van de reclassering volgen en toepassing geven aan het jeugdstrafrecht. De rechtbank legt op een jeugddetentie van 120 dagen waarvan 91 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar. De rechtbank zal daarbij de bijzondere voorwaarden zoals geadviseerd door de reclassering opleggen

Betrokken advocaten

mr. I.J.G. van Raab van Canstein

verdachte

Canstein Advocatuur, AMSTERDAM

mr. M.L.A. ter Veer

verdachte

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

15 november 2023

Rechtsgebied

Strafrecht

Zaaknummer

13-138362-23

Procedure

Eerste aanleg - meervoudig

ECLI

ECLI:NL:RBAMS:2023:7965

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

Ondernemer veroordeeld voor btw-fraude en NOW-oplichting
Rechtbank Amsterdam·2 april 2026
Strafrecht
Rechter heropent onderzoek in deepfake-bankfraudezaak
Rechtbank Amsterdam·31 maart 2026
Strafrecht
Nederlander uitgeleverd aan Oostenrijk voor plofkraak Salzburg
Rechtbank Amsterdam·31 maart 2026
Strafrecht
Amsterdamse jongere krijgt ISD-maatregel na reeks delicten
Rechtbank Amsterdam·31 maart 2026
Strafrecht