ECLI:NL:RBAMS:2024:1475, Rechtbank Amsterdam, 19-03-2024, AMS 21/3553 — RBAMS:2024:1475
Samenvatting
Bestuurlijke boete voor schending van de meldplicht voorafgaand aan vakantieverhuur van een woonruimte. Beroep gegrond vanwege overschrijding van de redelijke termijn. Matigingsbeleid is niet onevenredig en buitenproportioneel. De stelling van eiseres dat het boetebeleid geen rekening houdt met overtreders die achteraf melding willen maken, maakt dit niet anders. Er zijn geen bijzondere omstandigheden gesteld die maken dat de boete moet worden gematigd. Wel overschrijding van redelijke termijn waardoor boete gematigd.
Betrokken advocaten
mr. U. Tasdelen
eiser
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RVS:2025:6432, Raad van State, 31-12-2025, 202405939/1/A2
Raad van State · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBZWB:2025:9320, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 30-12-2025, 24/3519 WAJONG
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
ECLI:NL:RBROT:2025:14479, Rechtbank Rotterdam, 12-12-2025, ROT 23/3690
Rechtbank Rotterdam · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBAMS:2025:7964, Rechtbank Amsterdam, 24-10-2025, 11786829 \ CV EXPL 25-9387
Rechtbank Amsterdam · Civiel Recht
Gegevens
Datum uitspraak
19 maart 2024
Instantie
Rechtbank AmsterdamRechtsgebied
BestuursrechtZaaknummer
AMS 21/3553
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBAMS:2024:1475