ECLI:NL:RBAMS:2025:286, Rechtbank Amsterdam, 15-01-2025, C/13/725068 / HA ZA 22-928 — RBAMS:2025:286
Samenvatting
Onrechtmatige executie. Eindvonnis na tussenvonnis. Vergelijking situatie waarin exploitant van energiedrank verkeert met situatie waarin zij zou hebben verkeerd als onrechtmatig handelen was uitgebleven. Ook in hypothetische situatie zonder onrechtmatig handelen was sprake geweest van het arrest op grond waarvan het haar verboden was te exploiteren. Onwaarschijnlijk dat exploitant energiedrank in weerwil van dat verbod zou zijn gaan exploiteren als het arrest niet zou zijn betekend. De conclusie is dat geen schade is geleden als gevolg van de onrechtmatige (dreiging met) executie van het arrest. Vorderingen in conventie worden afgewezen. In reconventie volgt een veroordeling tot vergoeding van schade wegens het onrechtmatig gelegde beslag, bestaande uit de kosten van de bankgarantie.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:GHAMS:2025:2002, Gerechtshof Amsterdam, 29-07-2025, 200.345.362
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:RBAMS:2025:134, Rechtbank Amsterdam, 10-01-2025, 759751
Rechtbank Amsterdam · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:RBROT:2024:2724, Rechtbank Rotterdam, 03-04-2024, C/10/657425 / HA ZA 23-422
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:RBAMS:2024:233, Rechtbank Amsterdam, 17-01-2024, C/13/725068 / HA ZA 22-928
Rechtbank Amsterdam · Civiel Recht
Gegevens
Datum uitspraak
15 januari 2025
Instantie
Rechtbank AmsterdamRechtsgebied
Civiel Recht; OndernemingsrechtZaaknummer
C/13/725068 / HA ZA 22-928
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBAMS:2025:286