ECLI:NL:RBAMS:2025:5830, Rechtbank Amsterdam, 29-07-2025, 200.350.063 — RBAMS:2025:5830
Samenvatting
Kort geding tussen man en vrouw (ex-geliefden) en een BV van de man. Volgens hof is de BV wederpartij bij beide door de vrouw opgezegde beheerovereenkomsten met betrekking tot haar toebehorende appartementen. De BV heeft na de opzegging een van de twee appartementen onbevoegdelijk verhuurd en wordt veroordeeld i) de huurder te sommeren dat appartement te ontruimen en ii) de vrouw de huurpenningen te betalen, voor zover haar nog niet betaald, totdat het appartement ontruimd is. Wetsartikelen: artikel 6 lid 1 Algemene Verordening Gegevensbescherming
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBMNE:2025:4223, Rechtbank Midden-Nederland, 13-08-2025, C/16/554596 HA ZA 23-260
Rechtbank Midden-Nederland · Civiel Recht
ECLI:NL:GHSHE:2025:1704, Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 17-06-2025, 200.333.660_01
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:RBAMS:2024:8597, Rechtbank Amsterdam, 04-12-2024, C/13/758524 / KG ZA 24-889
Rechtbank Amsterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:GHAMS:2024:1690, Gerechtshof Amsterdam, 18-06-2024, 200.310.872/01
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht
Gegevens
Datum uitspraak
29 juli 2025
Instantie
Rechtbank AmsterdamRechtsgebied
Civiel RechtZaaknummer
200.350.063
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:RBAMS:2025:5830