Vrijspraak geweld na baksteen-incident, wel schuldig aan vernieling en knijpen agent — RBAMS:2026:3058
mishandeling / openlijke geweldpleging / vernieling / mishandeling ambtenaar
Eiser / verzoeker
Openbaar Ministerie
Verweerder / gedaagde
Verdachte
Verdachte vrijgesproken van mishandeling en openlijke geweldpleging, maar veroordeeld voor vernieling van een zonnebril en mishandeling van een politieambtenaar.
- Verdachte vrijgesproken van medeplegen van mishandeling (feit 1) en openlijke geweldpleging (feit 2) wegens onvoldoende bewijs dat verdachte zelf geweldshandelingen pleegde.
- Onafhankelijke getuigen konden niet bevestigen dat verdachte sloeg; enkel de aangifte van het slachtoffer was onvoldoende voor een bewezenverklaring.
- Vernieling van de zonnebril bewezen op grond van verdachtes eigen verklaring dat hij de bril niet terug zou geven zolang de baksteen niet werd losgelaten.
- Mishandeling van politieambtenaar bewezen op grond van aangifte en getuigenverklaring van collega-verbalisant die zag dat verdachte in haar arm kneep.
Samenvatting
Op een zomeravond in juni 2025 vaarde een man met zijn vrouw, drie jonge kinderen en een vriend op de Weespertrekvaart in Diemen. Toen ze te hard langs een woonboot voeren en golfslag veroorzaakten, raakte de bewoner zo boos dat hij een baksteen naar het bootje gooide. Met nog een baksteen in zijn hand fietste hij de boot achterna.
De bestuurder van het bootje meerde aan en stapte op de man af. Om de situatie te ontschepen pakte hij de zonnebril van de man af, met de mededeling die pas terug te krijgen als hij de baksteen los zou laten. Wat daarna precies gebeurde, was inzet van de rechtszaak.
Volgens de bewoner van de woonboot werden hij en zijn vriend door beiden meerdere malen geslagen, waarbij zijn linker oorlel er volledig af raaide. De verdachte ontkende echter dat hij zelf geweld had gebruikt. Zijn vriend gaf toe de man te hebben geslagen, maar stelde dat dit uit zelfverdediging was omdat de woonbootbewoner met de baksteen sloeg.
De rechtbank concludeerde dat niet bewezen kon worden dat de verdachte zelf geweld had gepleegd. De enige getuige die het gevecht van dichtbij zag, verklaarde niet te weten wie de eerste klap gaf en had niet specifiek gezien dat de verdachte geweld gebruikte. Ook voor medeplegen of een wezenlijke bijdrage aan de geweldpleging door zijn vriend ontbrak bewijs. Verdachte werd dan ook vrijgesproken van zowel de mishandeling als de openlijke geweldpleging.
Wel stond vast dat de verdachte de zonnebril had vernield. Uit zijn eigen verklaring bleek dat hij de bril niet los zou laten zolang de ander de baksteen vasthield — en de bril was uiteindelijk kapot aangetroffen. Daarnaast had de verdachte zich bij zijn aanhouding schuldig gemaakt aan mishandeling van een politieagente: een getuige-verbalisant zag hoe hij haar bij haar arm vasthield terwijl ze riep dat hij moest stoppen met knijpen.
De rechtbank veroordeelde de verdachte voor de vernieling van de zonnebril en de mishandeling van de ambtenaar. Over de exacte strafmaat vermeldt het beschikbare vonnis geen eindoordeel, maar de officier van justitie had vier maanden gevangenisstraf geëist. De rechtbank sprak verdachte vrij van de zwaarste feiten en kon alleen de twee lichtere vergrijpen bewezen achten.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBMNE:2025:6566, Rechtbank Midden-Nederland, 09-12-2025, 16/024427-25; 16/381563-24 (t.t.z. gevoegd)
Rechtbank Midden-Nederland · Strafrecht
ECLI:NL:RBNHO:2025:11802, Rechtbank Noord-Holland, 18-09-2025, 15/244740-24
Rechtbank Noord-Holland · Strafrecht
ECLI:NL:RBAMS:2025:6492, Rechtbank Amsterdam, 14-08-2025, 13-205257-25
Rechtbank Amsterdam · Strafrecht
ECLI:NL:RBNHO:2025:9573, Rechtbank Noord-Holland, 01-08-2025, C/15/367903 / JU RK 25-1034
Rechtbank Noord-Holland · Civiel Recht; Personen- En Familierecht
Gegevens
Datum uitspraak
26 maart 2026
Instantie
Rechtbank AmsterdamRechtsgebied
StrafrechtZaaknummer
13/205918-25
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBAMS:2026:3058