Juristi.nl
ECLI:NL:RBAMS:2026:3195Strafrecht

Amsterdamse tiener veroordeeld voor schieten, wapens en geweld — RBAMS:2026:3195

jeugdstrafrecht / wapenbezit / (poging tot) doodslag en zware mishandeling / bezit vals geld

Eiser / verzoeker

Officier van justitie (Openbaar Ministerie)

VS

Verweerder / gedaagde

Verdachte, geboren 2006, wonende te Amsterdam

Verdachte veroordeeld voor bezit van vals geld, wapenbezit, openlijke geweldpleging en (poging tot) zware mishandeling; jeugddetentie opgelegd en schadevergoeding aan benadeelde partijen toegewezen.

  • DNA van verdachte op meerdere onderdelen van het vuurwapen, gecombineerd met camerabeelden, levert wettig en overtuigend bewijs op voor wapenbezit op 25 februari 2024
  • Rechtbank verwerpt verweer secundaire DNA-overdracht als onvoldoende onderbouwd en onwaarschijnlijk gezien de omstandigheden
  • Bezit van grote hoeveelheid verborgen valse bankbiljetten levert bewijs op voor het oogmerk om deze als echt uit te geven, ondanks ontkenning verdachte
  • Vier afzonderlijke strafzaken (vals geld, wapenbezit, geweld april 2024, schietpartij augustus 2024) gevoegd behandeld wegens jeugdige leeftijd verdachte
  • Twee slachtoffers van schietpartij augustus 2024 raakten gewond (been/voet en heup); rechtbank beoordeelde dit als zware mishandeling

Samenvatting

Een jongeman uit Amsterdam, geboren in 2006, stond terecht voor een reeks ernstige feiten: van het bezit van vals geld tot het schieten op mensen op straat. De rechtbank behandelde vier afzonderlijke strafzaken die tijdens de zitting werden samengevoegd.

In de eerste zaak had de dan zeventienjarige verdachte in april 2023 een grote hoeveelheid valse bankbiljetten verborgen in een doos in een doos op zijn slaapkamer. Hij verklaarde dat hij die bij zich hield om 'stoer te doen', maar de rechtbank geloofde hem niet. De manier van verstoppen en de hoeveelheid biljetten wees er volgens de rechters duidelijk op dat hij van plan was het geld als echt uit te geven.

In de tweede zaak werd de verdachte in verband gebracht met een schietincident op de Rhôneweg in Amsterdam op 25 februari 2024, waarbij iemand zwaargewond raakte en later overleed. Op camerabeelden was te zien dat de verdachte samen met de latere schutter achter een auto stond. Op basis van de bewegingen leek hij de schutter te helpen met het doorladen van een vuurwapen. Doorslaggevend was dat zijn DNA later op datzelfde wapen werd aangetroffen — op de loop, de binnenkant van de slede en andere onderdelen. De rechtbank concludeerde dat hij het vuurwapen bewust in bezit had gehad.

De derde zaak betrof een geweldsincident op 8 april 2024. Samen met anderen mishandelde de verdachte een slachtoffer dat in foetushouding op de grond lag, waarbij meerdere keren met geschoeide voeten op het hoofd werd getrapt. De rechtbank bekeek of dit een poging tot doodslag of zware mishandeling was.

De zwaarste feiten speelden zich af op 17 augustus 2024. De verdachte schoot toen meerdere keren met een vuurwapen in een drukke omgeving in Amsterdam. Twee mensen raakten gewond: één persoon werd in het been en de voet geraakt, een ander in de heup. De rechtbank moest bepalen of sprake was van poging tot doodslag of zware mishandeling.

De verdediging voerde in de wapenzaak aan dat het DNA ook via secundaire overdracht op het vuurwapen terecht kon zijn gekomen, en dat niet kon worden uitgesloten dat een medeverdachte het wapen had gehad. De rechtbank verwierp beide argumenten: de DNA-sporen op meerdere cruciale plekken van het wapen, gecombineerd met de camerabeelden, lieten weinig ruimte voor twijfel.

Bij de berechting speelde de jonge leeftijd van de verdachte een centrale rol. Hij was bij zijn eerste vergrijp nog maar zeventien jaar oud. De Raad voor de Kinderbescherming en de William Schrikker Jeugdbescherming waren betrokken bij zijn begeleiding. De rechtbank hield rekening met zijn jeugdige leeftijd bij het bepalen van de straf, maar de ernst en het gewelddadige karakter van de feiten — waarbij meerdere mensen gewond raakten en één persoon om het leven kwam in een gerelateerd incident — wogen zwaar mee.

De rechtbank veroordeelde de verdachte voor het bezit van vals geld, het voorhanden hebben van een vuurwapen, openlijke geweldpleging en zware mishandeling van twee mensen bij het schietincident in augustus 2024. Hij kreeg een jeugddetentie opgelegd en werd ook veroordeeld tot betaling van schadevergoeding aan de benadeelde partijen.

Betrokken advocaten

mr. I.J.M. de Wit

verdachte

Kuyp Baar advocaten, LAREN NH

mr. S.M. Diekstra

benadeelde partij 1

Diekstra Van der Laan Advocaten, LEIDEN

mr. A.D. Kupelian

benadeelde partij 2

Advocatenkantoor Kupelian, AMSTERDAM

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

30 maart 2026

Rechtsgebied

Strafrecht

Zaaknummer

13/091410-23, 13/287180-24, 13/122834-24, 13/268702-24

Procedure

Eerste aanleg - meervoudig

ECLI

ECLI:NL:RBAMS:2026:3195

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

Ondernemer veroordeeld voor btw-fraude en NOW-oplichting
Rechtbank Amsterdam·2 april 2026
Strafrecht
Rechter heropent onderzoek in deepfake-bankfraudezaak
Rechtbank Amsterdam·31 maart 2026
Strafrecht
Nederlander uitgeleverd aan Oostenrijk voor plofkraak Salzburg
Rechtbank Amsterdam·31 maart 2026
Strafrecht
Amsterdamse jongere krijgt ISD-maatregel na reeks delicten
Rechtbank Amsterdam·31 maart 2026
Strafrecht