ECLI:NL:RBDHA:2015:7353, Rechtbank Den Haag, 22-06-2015, C-09-489483 KG-ZA 15-746 — RBDHA:2015:7353
Samenvatting
Vordering tot ontheffing van non-concurrentiebeding uhv franchiseovereenkomst. Meest verstrekkende verweer: niet gedaagde maar derde heeft te gelden als contractspartij. In eerder kg reeds geoordeeld dat op dit verweer zonder nader onderzoek niet kan worden beslist, meer in het bijzonder niet of een rechtsgeldige contractsoverneming heeft plaatsgevonden. Derhalve kan nu in dit kort geding evenmin met voldoende zekerheid worden vastgesteld dat eiseres jegens gedaagde aan het non-concurrentiebeding kan worden gehouden. Eiseres had op voorhand kunnen en moeten weten dat onderhavige vordering in kort geding zou worden afgewezen. Om die reden sprake van misbruik van procesrecht en dus aanleiding tot veroordeling in de daadwerkelijk door gedaagde gemaakte proceskosten.
Betrokken advocaten
mr. C.W. Reintjes te Duiven
eiser
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBNHO:2025:15548, Rechtbank Noord-Holland, 24-12-2025, 364843
Rechtbank Noord-Holland · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:RBROT:2025:14423, Rechtbank Rotterdam, 10-12-2025, C/10/704457 / HA ZA 25-639
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:RBNHO:2025:10009, Rechtbank Noord-Holland, 03-09-2025, 15/359262 / HA ZA 24-656
Rechtbank Noord-Holland · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:RBMNE:2025:3032, Rechtbank Midden-Nederland, 25-06-2025, 11365093
Rechtbank Midden-Nederland · Civiel Recht
Gegevens
Datum uitspraak
22 juni 2015
Instantie
Rechtbank Den HaagRechtsgebied
Civiel RechtZaaknummer
C-09-489483 KG-ZA 15-746
Procedure
Kort geding
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2015:7353