ECLI:NL:RBDHA:2016:10620, Rechtbank Den Haag, 29-07-2016, ams 15/13744 — RBDHA:2016:10620
Samenvatting
Uit de tekst van de aanpassingen aan de wet- en regelgeving en de toelichting daarop blijkt niet dat verweerder het voornemen heeft gehad om artikel 10, tweede lid, van de Richtlijn in artikel 29 van de Vw 2000 te implementeren. Hoewel artikel 10, tweede lid, van de Richtlijn wel in de transponeringstabel is genoemd bij artikel 3.13, tweede lid van het Vb 2000, maakt dat nog niet dat de wetgever ook echt de bedoeling heeft gehad om deze bepaling te implementeren. Zelfs als er vanuit zou moeten worden gegaan dat deze bepaling in artikel 3.13 van het Vb 2000 zou zijn geïmplementeerd, dan heeft dit nog niet tot gevolg dat daarmee de mogelijkheden voor gezinshereniging op grond van nareis (asiel) zijn uitgebreid.
Betrokken advocaten
mr. H.M.A.E. van Ooijen
eiser
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBDHA:2026:1965, Rechtbank Den Haag, 05-02-2026, NL25.54010
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2026:1228, Rechtbank Den Haag, 27-01-2026, NL25.57967
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2026:1107, Rechtbank Den Haag, 12-01-2026, NL25.60539
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2026:1105, Rechtbank Den Haag, 08-01-2026, NL25.60541
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Gegevens
Datum uitspraak
29 juli 2016
Instantie
Rechtbank Den HaagRechtsgebied
BestuursrechtZaaknummer
ams 15/13744
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2016:10620