ECLI:NL:RBDHA:2018:13139, Rechtbank Den Haag, 19-09-2018, C-09-552985-HA ZA 18-543 — RBDHA:2018:13139
Samenvatting
Afwijzen verzoek om pleidooi na een akte niet dienen voor het nemen van een conclusie van antwoord. Het recht om voor antwoord te concluderen is ingevolge artikel 133 lid 4 Rv vervallen en het recht verweer te voeren is op grond van artikel 128 lid 3 Rv vervallen, nu niet ten principale is geantwoord. Gedaagde beoogt volgens zijn toelichting het nalaten tijdig voor antwoord te concluderen te ‘repareren’. Ingeval van toewijzing van dit verzoek wordt de in artikel 128 lid 3 Rv neergelegde regel van verval van recht van een gedaagde om zich tegen een vordering te verweren indien niet tijdig voor antwoord wordt geconcludeerd, feitelijk ter zijde gesteld.
Betrokken advocaten
mr. L.C. Blok
eiser
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBROT:2025:8689, Rechtbank Rotterdam, 16-07-2025, C/10/684755 / HA ZA 24-729
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:RBNHO:2025:7824, Rechtbank Noord-Holland, 16-07-2025, C/15/349971 / HA ZA 24-136
Rechtbank Noord-Holland · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:RBNHO:2025:4619, Rechtbank Noord-Holland, 30-04-2025, C/15/349971 / HA ZA 24-136
Rechtbank Noord-Holland · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:1518, Rechtbank Den Haag, 22-01-2025, C/09/661766 / HA ZA 24-178
Rechtbank Den Haag · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
Gegevens
Datum uitspraak
19 september 2018
Instantie
Rechtbank Den HaagRechtsgebied
Civiel RechtZaaknummer
C-09-552985-HA ZA 18-543
Procedure
Bodemzaak
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2018:13139