Juristi.nl
ECLI:NL:RBDHA:2019:4316Bestuursrecht

ECLI:NL:RBDHA:2019:4316, Rechtbank Den Haag, 22-04-2019, AWB - 18_6452 — RBDHA:2019:4316

Samenvatting

X overlijdt in 2016 door een ongeval buiten werktijd en niet op de werkplek. De werkgever van X heeft voor al haar personeelsleden onverplicht een collectieve ongevallenverzekering afgesloten. De door de werkgever aan de verzekeraar betaalde verzekeringspremie wordt door de werkgever op individueel niveau herrekend en, verhoogd met een kostenopslag, verhaald op het netto loon van de betreffende werknemer. De verzekeraar keert in 2016 een bruto ongevallenuitkering uit van € 166.140 onder inhouding van € 86.392,80 aan loonheffingen. In geschil is of de uitkering loon is in de zin van artikel 3.81 Wet inkomstenbelasting 2001. De rechtbank is van oordeel dat de uitkering voortvloeit uit de dienstbetrekking. De aanspraak uit de verzekering maakt onderdeel uit van de arbeidsvoorwaarden, ook wanneer deze niet expliciet in de arbeidsovereenkomst is vermeld. Het feit dat alle premies ten laste van het nettoloon worden gebracht doet hier niets aan af (vlg. arrest van de Hoge Raad van 1 december 1971, ECLI:NL:HR:1971:AY4111). De inspecteur heeft de uitkering terecht als loon belast. Het beroep is ongegrond.

Betrokken advocaten

mr. L.K. Wouterse

eiser

Van Zijl Advocaten, TILBURG

mr. C.M. Zijlstra

eiser

mr. H.B. van Houten

eiser

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

22 april 2019

Rechtsgebied

Bestuursrecht

Zaaknummer

AWB - 18_6452

Procedure

Eerste aanleg - enkelvoudig

ECLI

ECLI:NL:RBDHA:2019:4316

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

Wrakingsverzoek afgewezen: rechter mocht kritische vragen stellen
Rechtbank Den Haag·30 maart 2026
Bestuursrecht
RBDHA:2026:6403
Rechtbank Den Haag·25 maart 2026
Bestuursrecht
RBDHA:2026:6003
Rechtbank Den Haag·24 maart 2026
Bestuursrecht
RBDHA:2026:6918
Rechtbank Den Haag·19 maart 2026
Bestuursrecht