Juristi.nl
ECLI:NL:RBDHA:2019:6302Civiel Recht

ECLI:NL:RBDHA:2019:6302, Rechtbank Den Haag, 28-06-2019, C-09-553747-HA RK 18-268 — RBDHA:2019:6302

Samenvatting

AVG-zaak. Verzoek tot verwijdering van Google-zoekresultaten. Het verzoekschrift in de eerste zaak is gebaseerd op de Wbp. Het (inhoudelijk gelijkluidende) verzoekschrift in de tweede zaak is gebaseerd op de AVG. Verzoekster heeft de verzoeken één dag voor de op de mondelinge behandeling bepaalde uitspraakdatum ingetrokken. De rechtbank geeft alsnog een inhoudelijk oordeel over het geschil in verband met de beslissing over de proceskostenveroordeling. Hoewel het eerste verzoekschrift nog ten tijde van de Wbp is ingediend, toetst de rechtbank ook de verzoeken in die zaak vanuit het heden (ex-nunc) op basis van de AVG. De rechtbank concludeert dat de bestreden zoekresultaten op grond van de AVG niet hoeven te worden verwijderd. Verzoekster wordt in de proceskosten veroordeeld. De rechtbank ziet, anders dan verzoekster onder verwijzing naar het arrest van het hof Den Bosch van 1 februari 2018, ECLI:NL:GHSHE:2018:363 heeft betoogd, geen aanleiding om op grond van art. 47 Handvest van de Grondrechten van de Europese Unie van een proceskostenveroordeling af te zien. (en inzake C/09/556396 / HA RK 18/355).

Betrokken advocaten

mr. D. Verhulst

verweerder

Brinkhof, AMSTERDAM

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

28 juni 2019

Rechtsgebied

Civiel Recht

Zaaknummer

C-09-553747-HA RK 18-268

Procedure

Rekestprocedure

ECLI

ECLI:NL:RBDHA:2019:6302

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

Wrakingsverzoek vrouw tegen kantonrechter afgewezen
Rechtbank Den Haag·30 maart 2026
Civiel Recht
Rechter gewraakt na bevooroordeelde brief in huurgeschil
Rechtbank Den Haag·30 maart 2026
Civiel Recht
RBDHA:2026:6402
Rechtbank Den Haag·23 maart 2026
Civiel Recht
RBDHA:2026:7260
Rechtbank Den Haag·19 maart 2026
Civiel Recht
RBDHA:2026:6278
Rechtbank Den Haag·19 maart 2026
Civiel Recht