ECLI:NL:RBDHA:2021:11921, Rechtbank Den Haag, 03-11-2021, C-09-577052-HA ZA 19-759 — RBDHA:2021:11921
Samenvatting
Overheidsaansprakelijkheid. Staat wordt primair aansprakelijk gesteld in verband met toezicht voogd op pleeggezin waarin eiseres is misbruikt in 1958-1968. Het verjaringsverweer met betrekking tot de primaire vorderingen slaagt. Bij beoordeling van de subsidiaire vorderingen, die zich richten tegen de beslissing van de civiele kamer van de commissie van het Schadefonds Geweldsmisdrijven (CSG) op grond van het Statuut voor de buitengerechtelijke afhandeling van civiele vorderingen tot schadevergoeding in verband met seksueel misbruik van minderjarigen in instellingen en pleeggezinnen (bijlage Kamerstukken II 2012-2013, 33 435, nr. 12), wordt aangeknoopt bij het toetsingskader dat geldt voor beoordeling door de civiele rechter van een bindend advies. Afwijzing subsidiaire vorderingen.
Betrokken advocaten
mr. A. Th
eiser
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBOVE:2025:6831, Rechtbank Overijssel, 26-11-2025, C/08/330160 / HA ZA 25-86
Rechtbank Overijssel · Civiel Recht
ECLI:NL:RBOVE:2025:6741, Rechtbank Overijssel, 19-11-2025, C/08/338419 / HA ZA 25-308
Rechtbank Overijssel · Civiel Recht
ECLI:NL:RBDHA:2025:15747, Rechtbank Den Haag, 03-09-2025, C/09/672671 / HA ZA 24-802
Rechtbank Den Haag · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:RBROT:2025:9685, Rechtbank Rotterdam, 30-07-2025, C/10/700716 / HA ZA 25-456
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht
Gegevens
Datum uitspraak
3 november 2021
Instantie
Rechtbank Den HaagRechtsgebied
Civiel RechtZaaknummer
C-09-577052-HA ZA 19-759
Procedure
Bodemzaak
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2021:11921