Juristi.nl
ECLI:NL:RBDHA:2021:5593Strafrecht

ECLI:NL:RBDHA:2021:5593, Rechtbank Den Haag, 04-05-2021, C/09/610910 / KG RK 21-455 — RBDHA:2021:5593

Samenvatting

Toewijzing wrakingsverzoek. De wrakingskamer is ervan overtuigd dat de rechter-commissaris, mede gelet op hetgeen zij in haar reactie op het wrakingsverzoek heeft verwoord, bij haar handelwijze de bescherming van de kwetsbare getuige voor ogen had en niet de opzet had de verdediging te passeren. Dit neemt echter niet weg dat de rechter-commissaris geen toepassing heeft gegeven aan het beginsel van hoor en wederhoor, door (de raadsvrouw van) verzoeker geen gelegenheid te bieden om zich uit te laten over haar voornemen om terug te komen op haar beslissing én daarbij het e-mailbericht van de officier van justitie over te leggen. Dat had, gelet op de aard van de getuige en daarmee het belang van de verdediging en gelet op het feit dat het verzoek eerder reeds was toegewezen, in de rede gelegen. Gelet op de in de beslissing genoemde omstandigheden levert voornoemde schending van het beginsel van hoor en wederhoor een zwaarwegende aanwijzing op voor (objectief gerechtvaardigde) schijn van vooringenomenheid van de rechter-commissaris. Dit leidt ertoe dat het verzoek tot wraking zal worden toegewezen.

Betrokken advocaten

mr. E. Balikci

verzoeker

Advocatenkantoor Balikci, ZOETERMEER

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

4 mei 2021

Rechtsgebied

Strafrecht

Zaaknummer

C/09/610910 / KG RK 21-455

Procedure

Wraking

ECLI

ECLI:NL:RBDHA:2021:5593

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken